Uitspraak
18 jaren met aftrek van voorarrest.
verdachtes, mededader(s), opzettelijk en -al dan niet- na kalm beraad en rustig overleg,
Met betrekking tot het opzet van de verdachte op de dood van het slachtoffer overweegt het Gerecht als volgt.
1 april 2015 voor de woning van het slachtoffer aangetroffen auto, een grijsgelakte KIA Spectra, in kleur en type overeenkomt met de auto waarin de verdachte naar diens verklaring destijds reed.
althans op een tijdstip in of omstreeks de maand april 2015, te Curaçao, tezamen en in vereniging met anderen of een ander,
althans alleen,opzettelijk [SLACHTOFFER] van het leven heeft beroofd, immers heeft hij verdachte en/of zijn,
verdachtes, mededaders opzettelijk,
(met kracht) de neus en de mond van die [SLACHTOFFER] dichtgedrukt en/of dichtgehouden, dan wel een kussen en/of een dekbed/deken en/of een overhemd, althanseen (zacht) voorwerp op de mond en de neus van die [SLACHTOFFER] gedrukt en gedrukt gehouden en
ofde hals van die [SLACHTOFFER]
dichtgedrukt/dichtgetrokken/geknepen (gehouden) en/ofnaar achteren
gestrekt en/ofgeduwd en
/of de handen en
/ofbenen van die [SLACHTOFFER] met elektrische bedradingen heeft vastgebonden
en/of dichtgeplakt,ten gevolge waarvan voornoemde [SLACHTOFFER] geen/onvoldoende lucht en/of zuurstof heeft kunnen krijgen en
/of (dientengevolge
)is overleden
,
/of
en/of
in elk geval (een) ander(en) dan aan hem, verdachte, en/of zijn, verdachtes mededader(s),en welke doodslag werd gepleegd met het oogmerk om de uitvoering van
dat feit/die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf en/of andere deelnemer(s) aan
dat feit/die diefstal, hetzij straffeloosheid, hetzij het bezit van het wederrechtelijk verkregene te verzekeren.
cursief). De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.
1.[echtgenote slachtoffer] deed op 2 april 2015 aangifte van het aantreffen van het levenloze lichaam van haar echtgenoot, [slachtoffer]. Zij heeft daarbij verklaard:
2.Op 2 april 2019 omstreeks 10:00 uur, werden de verbalisanten van Team Forensische Opsporing, naar aanleiding van een melding van een diefstal met geweldpleging met dodelijke afloop, gedirigeerd naar het adres [adres 1], thans Kaya [naam kaya] in de wijk [naam wijk]. De verbalisanten hebben het volgende gerelateerd:
Bij het bekijken met forensisch licht zagen wij een crèmekleurig textiel op de neusrug en keel van het lichaam. Voor wat betreft de kleur komt deze overeen met het overhemd dat de kleinzoon van het gezicht van het slachtoffer had verwijderd.
de combinatie van deze letsels tezamen kan zeer goed passen bij geweldsinwerking aan de mond en mondbodem met naar achter strekken/duwen van de hals en het hoofd. De bevinding van enkele stipvormige bloeduitstortingen in de bindvliezen van de ogen (sub B) is aspecifiek doch kan gezien worden bij een overlijden door verstikking. Gezien het ontbreken van een andere doodsoorzaak (sub O) en gezien de hierboven beschreven bevindingen kan het overlijden zeer goed verklaard worden aan de hand van belemmering van de luchtwegen (krachtdadig smoren) en hierdoor verstikking (asfyxie). Dit kan overeen komen met de aangeleverde informatie dat aan het gelaat mogelijk een bloes aanwezig geweest zou zijn. ”
3.De verbalisanten [verbalisant 1], [verbalisant 2] en [verbalisant 3] hebben op 31 juli 2019 het volgende bevonden:
4.Op 8 april 2015 werd een getuigenverklaring van [getuige 1], de buurman van het slachtoffer, opgenomen. Deze verklaarde:
5.Op 27 augustus 2019 werd de verdachte door de politie gehoord. Tijdens dit verhoor verklaarde de verdachte:
NAf 8.251,22. De verdachte is tot vergoeding van die schade gehouden, zodat de vordering tot dat bedrag toewijsbaar is.
16 (zestien) jaren;
NAf 8.251,22(zegge: achtduizend tweehonderd eenenvijftig gulden en tweeëntwintig cent) bestaande uit materiele schade, en veroordeelt de verdachte om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij;
NAf 8.251,22(zegge: achtduizend tweehonderd eenenvijftig gulden en tweeëntwintig cent), bij gebreke van betaling of verhaal te vervangen door 76 (zesenzeventig) dagen hechtenis, met dien verstande dat toepassing van de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft;