Uitspraak
1.PROCESVERLOOP
2.FEITEN
3.GESCHIL EN STANDPUNTEN PARTIJEN
4.BEOORDELING VAN HET BEROEP
5.PROCESKOSTEN EN GRIFFIERECHT
6.DE BESLISSING
twee maandenna de verzenddatum hoger beroep instellen bij:
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Belanghebbende, een ingezetene van Curaçao, ontving in 2014 arbeidsinkomen uit Aruba. Aruba is heffingsbevoegd over dit inkomen, maar Curaçao kan het inkomen in de heffingsgrondslag betrekken. Om dubbele belasting te voorkomen, moet Curaçao een belastingvermindering verlenen volgens artikel 24, lid 1 van de Belastingregeling voor het Koninkrijk (BRK).
De Inspecteur had de aanslag inkomstenbelasting vastgesteld zonder aftrek ter voorkoming van dubbele belasting, en een verzuimboete opgelegd. Belanghebbende maakte bezwaar, waarna de aanslag werd verminderd, maar de boete bleef gehandhaafd. Belanghebbende stelde beroep in tegen deze uitspraak.
Het Gerecht oordeelde dat de aanslag verminderd moet worden met de juiste belastingvermindering ter voorkoming van dubbele belasting, berekend op basis van het uit Aruba genoten inkomen. De aanslag werd verminderd tot NAf 49.612. Proceskostenvergoeding werd niet toegekend omdat de rechtsbijstand door de moeder van belanghebbende niet op zakelijke basis was verleend. Wel werd het betaalde griffierecht van NAf 50 aan belanghebbende vergoed.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de aanslag inkomstenbelasting 2014 wordt verminderd tot NAf 49.612 met vergoeding van het griffierecht.