Uitspraak
1.1. Het procesverloop
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
5.De beslissing
14 januari 2019voor akte als bedoeld in 4.21 aan de zijde van Cura Pharmacy c.s.;
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Cura Pharmacy c.s. vorderden schadevergoeding van het Land Curaçao en de Inspectie voor de Volksgezondheid wegens onrechtmatige vernietiging van authentieke Viagra-medicijnen die zij hadden aangeschaft. De medicijnen bleken nagemaakt, waarna de Inspectie en politie in 2007 overgingen tot inbeslagname en in 2008 tot vernietiging van de medicijnen. Cura Pharmacy c.s. stelden dat deze vernietiging onrechtmatig was en eisten vergoeding van de schade.
Het gerecht oordeelde dat de vordering jegens de Inspectie niet ontvankelijk was omdat deze geen rechtspersoonlijkheid bezit. De vordering jegens het Land werd afgewezen wegens verjaring: Cura Pharmacy c.s. waren al in 2008 op de hoogte van de vernietiging en de aansprakelijke partij, terwijl de vordering pas in 2016 werd ingediend. Het feit dat zij pas in 2015 een strafrechtelijk vonnis kregen dat de vernietiging onrechtmatig was, maakte dit niet anders.
Daarnaast was de schade onvoldoende concreet onderbouwd. De facturen waren deels op verschillende vennootschappen gesteld, en de schadeposten zoals gederfde winst, boetes en waardedaling van aandelen waren niet overtuigend causaal verbonden met de vernietiging. De vordering jegens Pharmera werd aangehouden wegens onduidelijkheid over internationale bevoegdheid. De zaak werd aangehouden voor nadere uitlatingen van Cura Pharmacy c.s. over dit punt.
Uitkomst: De vordering van Cura Pharmacy c.s. wordt afgewezen wegens verjaring en onvoldoende onderbouwing van schade.