Uitspraak
1.1. Het procesverloop
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
5.De beslissing
Het Gerecht:
wijstde vordering af;
veroordeelt[eiseres] in de proceskosten, aan de zijde van DKC tot op heden begroot op NAf 750,00 aan gemachtigdensalaris,
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Eiseres had studiefinanciering ontvangen en was na terugkeer op Curaçao door DUO terugvorderingen verschuldigd, die aan deurwaarderskantoor DKC waren overgedragen. DKC startte een procedure en verkreeg een vonnis tot betaling door eiseres van een bedrag inclusief rente en kosten. Eiseres betaalde in termijnen en stelde later dat zij te veel had betaald en vorderde terugbetaling van het teveel betaalde bedrag.
Het geschil betrof de vraag of eiseres inderdaad te veel had betaald. Eiseres stelde dat DKC onvoldoende inzicht had gegeven in de afboekingen en dat haar berekening een teveel betaalde som van NAf 1.266,70 aantoonde. DKC betwistte dit en stelde dat betalingen deels rechtstreeks aan DUO waren gedaan en deels betrekking hadden op andere openstaande schulden.
Het gerecht oordeelde dat eiseres onvoldoende had toegelicht aan wie en waarvoor betalingen waren gedaan, vooral voor de periode vóór het vonnis van 2012. DKC had haar verweer voldoende gemotiveerd en inzicht gegeven in de afboekingen, die in overeenstemming waren met de wettelijke regels. Daarom was de vordering van eiseres ongegrond en werd deze afgewezen. Eiseres werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering van eiseres tot terugbetaling van een bedrag wegens onverschuldigde betaling wordt afgewezen.