ECLI:NL:OGEAC:2016:81
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens verjaring van kredietovereenkomst
Korpodeko vordert betaling van een openstaand saldo uit een kredietovereenkomst met [gedaagde]. De overeenkomst dateert uit 2000, waarbij een lening van NAf 17.000 tegen 10% rente werd verstrekt. [Gedaagde] heeft tot oktober 2002 betalingen verricht, waarna geen verdere betalingen volgden.
Korpodeko maande [gedaagde] in december 2015 aan tot betaling van het openstaande bedrag. [Gedaagde] voerde verjaring aan als verweer, stellende dat na de laatste betaling in 2002 en een contactmoment in 2003 geen verdere communicatie was geweest.
Het Gerecht oordeelt dat de verjaringstermijn van vijf jaar is gaan lopen na het laatste contact in 2003, derhalve vanaf 1 januari 2004. De door Korpodeko overgelegde brieven uit 2004 en 2005 stuiten de verjaring niet omdat deze geen ondubbelzinnige aanmaningen tot nakoming bevatten. De vordering is daarom op 1 januari 2009 verjaard en wordt afgewezen.
Korpodeko wordt veroordeeld in de proceskosten, welke nihil worden begroot. Het verdere verweer behoeft geen bespreking vanwege het succesvolle verjaringverweer.
Uitkomst: De vordering van Korpodeko is verjaard en wordt afgewezen.