ECLI:NL:OGEAC:2016:175
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Ontslag niet kennelijk onredelijk bij beëindiging functie beheerder nachtopvang
Verzoeker was sinds 1 oktober 2006 in dienst bij FMA als beheerder nachtopvang. In maart 2014 zou zijn functie volgens verzoeker zijn gewijzigd in straathoekwerker, maar dit werd door FMA betwist. De nachtopvang werd per 1 augustus 2015 gesloten vanwege financiële problemen. FMA vroeg en kreeg toestemming voor ontslag van verzoeker per 1 januari 2016.
Verzoeker stelde dat het ontslag kennelijk onredelijk was omdat zijn functie was gewijzigd en de ontslagaanvraag onjuiste feiten bevatte. Ook voerde hij aan dat de nachtopvang weer open zou zijn. FMA voerde verweer dat verzoeker nooit straathoekwerker was geworden en dat de sluiting van de nachtopvang onvermijdelijk was door gebrek aan financiering.
Het Gerecht oordeelde dat onvoldoende was gebleken dat er sprake was van functiewijziging. De vermelding van straathoekwerker op salarisslips was een fout. De ontslagaanvraag was gebaseerd op juiste gronden. De belangenafweging wees uit dat het belang van FMA zwaarder woog dan dat van verzoeker, mede omdat de nachtopvang niet heropend was en er geen passend werk beschikbaar was.
Daarom werd het ontslag niet kennelijk onredelijk bevonden en werden de vorderingen van verzoeker afgewezen. Verzoeker werd toegelaten tot kosteloos procederen en de proceskosten werden gecompenseerd.
Uitkomst: Het ontslag van verzoeker als beheerder nachtopvang is niet kennelijk onredelijk en de vorderingen worden afgewezen.