Uitspraak
1.de stichtingSTICHTING MONUMENTENZORG CURAÇAO,2. de naamloze vennootschap SEA SHORE PROPERTIES N.V.,beide gevestigd te Curaçao,
1.de besloten vennootschapREFINERIA ISLA CURAÇAO B.V.,
2. de rechtspersoon naar het recht van Venezuela
PETROLEOS DE VENEZUELA S.A.,
gevestigd te Caracas, Venezuela,
gemachtigde: mr. ir. R. Rijnberg.
- het vonnis van 25 november 2013 en de daarin vermelde processtukken,
- de conclusie van dupliek, met bewijsstukken, van 3 februari 2014,
van 3 april 2014,
de daarbij overgelegde bewijsstukken en pleitaantekeningen.
Nadien is de zaak voor langere tijd aangehouden vanwege schikkingsonderhandelingen, waarna alsnog vonnis is gevraagd. De zaak tegen de aanvankelijk mede gedaagde partij Refineria Isla (Curazao) S.A., gevestigd te Caracas, is met instemming van die partij ingetrokken. Vonnis is bepaald op heden.
In de hindervergunning wordt Attachment “F” gedefineerd als “Milieuregelgeving zoals aan deze vergunning gehecht in de vorm van Attachment “F” (....) PdVSA stemt ermee in om zich te houden aan Attachment “F” ”.
Geschil
€ 11.500,00. De kosten voor de volgende fase van het onderzoek, waarin het erom gaat in welke gebieden verder onderzoek noodzakelijk is, waar verdere reinigingsmaatregelen nodig zijn en welke schade als onherstelbaar moet worden aangemerkt, worden begroot op € 26.800,00. De kosten voor aansluitend bodem- en waterbodemonderzoek en de definiteve vaststelling van de schade worden begroot op Naf. 250.000,00. De kosten voor het ongedaan maken van de verontreiniging van het strand worden door Dekra begroot op Naf. 350.000,00. Teneinde nieuwe schadegevallen te voorkomen, vorderen Monumentzorg en SSP een verbod op verdere olielekkages die de limiet in de hindervergunning overschrijden. Zij geven echter de voorkeur aan een door Isla en PdVSA te treffen technische voorziening waarmee de salinja en het omliggende gebied kunnen worden beschermd.
Ook als de olie (deels) afkomstig zou zijn van andere lekkages bij de COT is Isla overigens aansprakelijk voor eventueel daardoor veroorzaakte schade, omdat die krachtens verkeersopvattingen voor haar rekening komt als uitvloeisel van haar bedrijfsuitoefening.
Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.
- verwijst Monumentenzorg en SSP in de op nihil begrote kosten aan de zijde van
PdVSA;
de olie die eind augustus 2012 op de terreinen van Monumentenzorg en SSP is
aangetroffen afkomstig is van een andere vervuiler dan de COT;
zij bewijs wil leveren door getuigen en zo ja, hoeveel getuigen zij wil
voorbrengen, waarna datum en tijdstip voor getuigenverhoor zullen worden
bepaald, dan wel zal worden voortgeprocedeerd;