ECLI:NL:OGEABES:2026:175

Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba

Datum uitspraak
15 juli 2026
Publicatiedatum
24 juli 2026
Zaaknummer
BON202600241
Type
Uitspraak
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beslissing aanhouding kinderalimentatie wegens ontbreken financiële gegevens moeder

De Voogdijraad Caribisch Nederland verzocht het gerecht om vaststelling van een bijdrage van de moeder in de kosten van verzorging en opvoeding van de minderjarige, geboren in 2015. De minderjarige woont bij de vader op Bonaire. De Voogdijraad stelde op basis van beschikbare inkomensgegevens een alimentatiebedrag van $24 per maand vast, maar verzocht om het minimumbedrag van $65 per maand toe te wijzen, conform beleidsregels.

Tijdens de mondelinge behandeling op 3 juli 2026 bleek dat de moeder geen financiële gegevens had verstrekt, waardoor de berekening was gebaseerd op een minimuminkomen. De Voogdijraad verzocht het gerecht de beslissing aan te houden om de moeder alsnog gelegenheid te geven haar inkomensgegevens te overleggen.

Het gerecht achtte het van belang dat de alimentatieberekening zoveel mogelijk op daadwerkelijke inkomensgegevens wordt gebaseerd en besloot de zaak aan te houden tot de rolzitting van 19 augustus 2026. De Voogdijraad moet dan rapporteren over de voortgang van het verkrijgen van de gegevens. De beslissing werd op 15 juli 2026 door rechter Hoekstra in het openbaar uitgesproken.

Uitkomst: Beslissing over kinderalimentatie wordt aangehouden tot de moeder haar financiële gegevens verstrekt.

Uitspraak

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA

zittingsplaats Bonaire

registratienummer: BON202600241
datum beslissing: 15 juli 2026
BESCHIKKING
op het verzoek van
VOOGDIJRAAD CARIBISCH NEDERLAND,
gevestigd te Bonaire,
hierna: de Voogdijraad,
met betrekking tot de minderjarige:
[de minderjarige],
geboren op [geboortedatum] 2015 te [geboorteplaats],
hierna: [de minderjarige].
Als belanghebbenden worden aangemerkt:
[de vader],
wonend op Bonaire,
hierna: de vader,
en
[de moeder],
wonend in Curaçao,
hierna: de moeder.

1.Het procesverloop

1.1.
Het verzoekschrift met bijlagen van de Voogdijraad is op 6 mei 2026 op de griffie van dit gerecht ingediend. Op 27 mei 2026 is een aangepast verzoek met bijlagen door de Voogdijraad ingediend.
1.2.
De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 3 juli 2026. De vader is verschenen. De moeder is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet verschenen. Namens de Voogdijraad is [medewerker voogdijraad] verschenen.
1.3.
De beschikking is bepaald op vandaag.

2.De feiten

2.1.
Uit de relatie tussen de moeder en de vader is [de minderjarige] geboren.
2.2. [
de minderjarige] woont bij de vader op Bonaire.

3.Het verzoek en de beoordeling

Het verzoek
3.1.
De Voogdijraad verzoekt het vaststellen van een bijdrage van de moeder in de kosten van de verzorging en opvoeding van [de minderjarige].
3.2.
Op basis van de door partijen ingeleverde inkomensgegevens heeft de Voogdijraad een berekening opgesteld. Uit deze berekening volgt een bedrag van $ 24,00 per maand, door de moeder aan de vader te betalen. De beleidsregels kinderalimentatie Caribisch Nederland hanteren een minimumbedrag van $ 65,00 per maand. De Voogdijraad verzoekt daarom het gerecht te bepalen dat de moeder maandelijks een bijdrage in de kosten en verzorging van [de minderjarige] aan de vader betaalt van $ 65,00.
De beoordeling
3.3.
Tijdens de mondelinge behandeling is gebleken dat de vrouw tot op heden geen financiële gegevens aan de Voogdijraad heeft verschaft en dat de berekening daarom gebaseerd is op het minimuminkomen. De Voogdijraad heeft het gerecht verzocht de beslissing aan te houden, zodat de vrouw nogmaals gelegenheid krijgt haar inkomensgegevens aan de Voogdijraad te overleggen.
3.4.
Het gerecht acht het van belang dat de berekening zoveel mogelijk gebaseerd wordt op de daadwerkelijke inkomensgegevens. Het zal daarom de Voogdijraad in de gelegenheid stellen nogmaals contact op te nemen met de vrouw om haar inkomensgegevens op te vragen. De zaak zal worden aangehouden tot de rolzitting van 19 augustus 2026, waarop de Voogdijraad kan berichten wat de stand van zaken is.

4.De beslissing

Het gerecht:
4.1.
bepaalt dat de Voogdijraad op de rolzitting van 19 augustus 2026, 09.30 uur het gerecht zal informeren over de voortgang;
4.2.
houdt iedere verdere beslissing aan.
Deze beschikking is gegeven door mr. R.P.P. Hoekstra, rechter, en in het openbaar uitgesproken op 15 juli 2026 in tegenwoordigheid van de griffier.