ECLI:NL:OGEABES:2025:152

Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba

Datum uitspraak
19 december 2025
Publicatiedatum
19 januari 2026
Zaaknummer
BON202500613
Instantie
Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoek tot benoemen voogd over ongeboren baby van minderjarige moeder

Op 19 december 2025 heeft het Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba uitspraak gedaan in een zaak betreffende de voogdij over een ongeboren kind. De Voogdijraad Caribisch Nederland had op 1 december 2025 een verzoekschrift ingediend om de oma van de ongeboren baby te belasten met de voogdij, aangezien de moeder minderjarig is en niet in staat is om het gezag uit te oefenen. De moeder, geboren in 2008, is zwanger met een uitgerekende datum van 10 januari 2026. De biologische vader heeft het kind nog niet erkend. De Voogdijraad heeft onderzoek gedaan en geconcludeerd dat het in het belang van het ongeboren kind is om de oma als voogd aan te stellen. De rechter heeft besloten dat, hoewel de baby nog niet geboren is, deze juridisch als geboren wordt aangemerkt op basis van artikel 1:2 BW BES, omdat het belang van het kind dit vereist. De rechter heeft het verzoek van de Voogdijraad toegewezen en de oma benoemd tot voogd over het ongeboren kind, met de voogdij ingaande op het moment van de geboorte. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

Uitspraak

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA

zittingsplaats Bonaire

registratienummer: BON202500613
datum beslissing: 19 december 2025
BESCHIKKING
op verzoek van:
VOOGDIJRAAD CARIBISCH NEDERLAND,
gevestigd te Bonaire,
hierna: de Voogdijraad,
met betrekking tot het ongeboren kind van de hierna te noemen moeder.
Als belanghebbende wordt aangemerkt:
[de moeder],
wonende te Bonaire,
hierna: de moeder,
en
[de oma],
wonende te Bonaire,
hierna: de oma.

1.De procedure

1.1.
Op 1 december 2025 is een verzoekschrift van de Voogdijraad ingekomen om de oma te belasten met de voogdij over het ongeboren kind van de moeder.
1.2.
De rechter heeft bepaald dat een mondelinge behandeling achterwege kan blijven.
1.3.
Ten slotte is bepaald dat vandaag schriftelijk uitspraak zal worden gedaan.

2.De feiten

2.1.
De moeder is geboren op [geboortedatum] 2008. Zij is zwanger en de uitgerekende datum is omstreeks 10 januari 2026. De ongeboren baby is (nog) niet door de biologische vader erkend.
2.2.
De Voogdijraad heeft onderzoek gedaan naar de vraag of het in het belang van het ongeboren kind is om de voogdij te beleggen bij de oma. Op 1 december 2025 heeft de Voogdijraad een rapport uitgebracht.
2.3.
De oma heeft zich bereid verklaard om de voogdij over de nu nog ongeboren baby op zich te nemen.

3.De beslissing

3.1.
De Voogdijraad verzoekt om de oma te belasten met de voogdij over de nu nog ongeboren baby van de moeder.
3.2.
In artikel 1:295 BW BES is bepaald dat de rechter in eerste aanleg een voogd benoemt over alle minderjarigen, die niet onder ouderlijk gezag staan en in wier voogdij niet op wettige wijze is voorzien. De moeder is minderjarig en zij zal ingevolge artikel 1:246 BW BES ten tijde van de geboorte van de baby onbevoegd om het gezag uit te oefenen. Vanaf de geboorte zal er dus een gezagsvacuüm zijn.
3.3.
De baby is nog niet geboren, maar artikel 1:2 BW BES bepaalt onder meer dat een kind als geboren wordt aangemerkt, zo dikwijls zijn belang dit vordert. Het gerecht is van oordeel dat gezien het rapport van de Voogdijraad de situatie rondom het ongeboren kind meebrengt dat er ten aanzien van het onderhavige verzoek moet worden beslist. De baby wordt daarom, juridisch, als reeds geboren aangemerkt.
3.4.
De Voogdijraad heeft onderzocht of een meerderjarigheidsverklaring van de moeder van toepassing kan zijn, maar concludeert dat dit niet in het belang is van het ongeboren kind omdat zorgen bestaan over de mogelijkheden van de moeder om de baby te verzorgen en op te voeden. De Voogdijraad vindt het in het belang van het ongeboren kind om de oma als voogdes te benoemen. De moeder en de oma zijn akkoord met dit advies. Het gerecht sluit zich aan bij het advies van de Voogdijraad. Nu voor het overige ook niet van bezwaren daartegen is gebleken, zal het verzoek worden toegewezen.

4.De beslissing

Het gerecht:
4.1.
benoemt
[de oma], geboren op [geboortedatum] 1990 te Bonaire, tot voogd over het nu nog ongeboren kind waarvan
[de moeder], geboren op [geboortedatum] 2008 te Bonaire, op dit moment zwanger is, waarbij de voogdij zal ingaan op het moment van de geboorte,
4.2.
gelast
[de oma]om de geboorteakte van de baby waarvan
[de moeder], geboren op [geboortedatum] 2008 te Bonaire, op dit moment zwanger is zo spoedig mogelijk aan het gerecht te sturen waarna de griffier zorg zal dragen dat aantekening wordt gemaakt van de onder 4.1. gegeven beslissing in het in artikel 1:244 BW BES genoemde openbare gezagsregister;
4.3.
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. R.P.P. Hoekstra, rechter, en in het openbaar uitgesproken op 19 december 2025 in tegenwoordigheid van de griffier.