Uitspraak
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA
zittingsplaats Bonaire
,
1.De procedure
- het tussenvonnis van 2 oktober 2024
- de antwoordakte van [gedaagde]
- de akte uitlaten producties van [eiser]
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
In deze civiele procedure tussen eiser en gedaagde staat centraal de vraag of eiser de kosten voor de aanleg van een zwembad heeft voldaan. Gedaagde betwist dat eiser zijn aandeel in deze kosten heeft betaald en voert aan dat eiser onvoldoende bewijs heeft geleverd van zijn stellingen.
Eiser stelt dat hij contante betalingen en creditcardgebruik heeft gedaan ter hoogte van ruim 20.000 USD, maar gedaagde betwist de juistheid en onderbouwing hiervan. Het gerecht oordeelt dat er geen aanleiding is voor een omkering van de bewijslast als sanctie, zoals door eiser verzocht op grond van artikel 18c Rv BES.
Het gerecht beveelt een getuigenverhoor om het bewijs van de door eiser gestelde betalingen te leveren. Partijen worden opgedragen binnen twee weken verhinderdagen en getuigengegevens aan te leveren. Verdere beslissingen worden aangehouden totdat het getuigenverhoor heeft plaatsgevonden.
Uitkomst: Verzoek om omkering van de bewijslast wordt afgewezen en getuigenverhoor wordt bevolen voor bewijslevering.