ECLI:NL:OGEABES:2024:120

Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba

Datum uitspraak
4 oktober 2024
Publicatiedatum
20 januari 2025
Zaaknummer
BON202000532
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:306 lid 1 BW BESArt. 1:306 lid 2 BW BESArt. 1:322 sub c BW BES
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toestemming plaatsing minderjarige bij peettante in Nederland en overdracht voogdij

Zorg en Jeugd Caribisch Nederland (ZJCN) verzocht het gerecht om toestemming voor de plaatsing van een minderjarige bij haar peettante in Nederland. De minderjarige verblijft sinds november 2020 onder toezicht en uithuisplaatsing op Bonaire. Omdat terugkeer naar de moeder niet realistisch is, is gezocht naar een passende leefomgeving binnen het netwerk van de minderjarige, wat resulteerde in een positieve pleegzorgscreening bij de peettante in Nederland.

Tijdens de mondelinge behandeling, waarbij ook de moeder en peettante via videoverbinding aanwezig waren, sprak de minderjarige voorafgaand aan de zitting met de rechter. Het gerecht concludeerde dat de plaatsing wenselijk is en de minderjarige hierdoor meer kansen en mogelijkheden krijgt. De peettante en haar gezin staan positief tegenover de opname.

Gezien de verhuizing naar Nederland kan ZJCN de voogdij niet langer adequaat uitoefenen. Daarom verzocht ZJCN de voogdij over te dragen aan Stichting Jeugdbescherming West Haaglanden, die bereid is deze overname te aanvaarden. Het gerecht acht deze overdracht in het belang van de minderjarige en verleent de gevraagde toestemming en overdracht van voogdij.

De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en wordt geregistreerd in het gezagsregister.

Uitkomst: Toestemming verleend voor plaatsing minderjarige bij peettante in Nederland en voogdij overgedragen aan Nederlandse jeugdzorginstelling.

Uitspraak

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA zittingsplaats Bonaire

Registratienummer: BON202000532
Datum uitspraak: 4 oktober 2024
BESCHIKKING
op verzoek van:
ZORG EN JEUGD CARIBISCH NEDERLAND,
gevestigd te Bonaire,
verzoekster,
met betrekking tot de minderjarige:
[de minderjarige],
geboren op [geboortedatum] 2008 te Nederland,
hierna: [de minderjarige],
Als belanghebbenden worden aangemerkt:
[de moeder],
wonende op Bonaire,
hierna: de moeder,
en
[de peettante],
wonende te Nederland (Helmond),
hierna: de peettante.

1.De procedure

1.1.
Op 13 september 2024 heeft ZJCN een verzoekschrift ingediend tot plaatsing van [de minderjarige] in Nederland, bij haar aldaar wonende peettante. De mondelinge behandeling van dit verzoek heeft plaatsgevonden op 27 september 2024. Daarbij zijn [medewerker jeugdzorg 1] en [medewerker jeugdzorg 2] verschenen namens ZJCN. Ook de moeder en peettante zijn, beiden via een videoverbinding, verschenen.
1.2. [
de minderjarige] heeft direct voorafgaand aan de mondelinge behandeling, buiten de aanwezigheid van de overige belanghebbenden, met de rechter over het verzoek gesproken.
1.3.
Beschikking is bepaald op vandaag.

2.De beoordeling

2.1.
Bij beschikking van dit gerecht van 7 februari 2024 uit het gezag over [de minderjarige] ontheven waarbij ZJCN tot voogd over [de minderjarige] is benoemd.
2.2
ZJCN verzoekt nu, als rechtspersoon als bedoeld in artikel 1:306 lid 1 BW Pro BES, om toestemming voor een plaatsing van [de minderjarige] bij haar peettante in Nederland. In dat kader verzoekt zij tevens de aan haar toevertrouwde voogdij over [de minderjarige] over te dragen aan de Stichting Jeugdbescherming West Haaglanden in Den Haag.
2.3.
Ingevolge artikel 1:306 lid 1 BW Pro BES mag een rechtspersoon een hem toevertrouwde minderjarige niet zonder toestemming van de rechter in eerste aanleg in het buitenland plaatsen. In lid 2 is bepaald dat de rechter deze toestemming slechts verleent, indien hij de plaatsing voor de minderjarige wenselijk acht.
2.4.
ZJCN heeft aan haar verzoek tot toestemming voor een plaatsing van [de minderjarige] bij haar peettante in Nederland het volgende ten grondslag gelegd. [de minderjarige] verblijft, sinds haar ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing in november 2020 in de residentie Rosa di Sharon van Fundashon Kas pa Hoben ku Futuro op Bonaire. Nadat duidelijk werd dat een terugkeer naar haar moeder geen realistisch perspectief was, is ZJCN op zoek gegaan naar een passende leefomgeving voor [de minderjarige]. Het is gelukt om in Nederland, binnen haar eigen netwerk, namelijk bij haar peettante, een veilige en blijvende plek te vinden waar [de minderjarige] zich verder kan ontwikkelen. Haar peettante zal [de minderjarige] als pleegkind in haar gezin opnemen. De pleegzorgscreening is in positieve afgerond. [de minderjarige] is al op een school in de buurt ingeschreven. [de minderjarige] heeft met het oog op een mogelijke plaatsing bij haar peettante al een aantal weken bij haar en haar gezin gelogeerd. De ervaringen daarmee waren in alle opzichten en voor alle betrokken positief.
2.5.
De verzochte toestemming zal worden verleend. Het gerecht acht een plaatsing van [de minderjarige] bij haar peettante in Nederland wenselijk. Uit de stukken, het verhandelde tijdens de mondelinge behandeling en hetgeen [de minderjarige] zelf kenbaar heeft gemaakt aan de rechter, is voldoende gebleken dat een plaatsing bij haar peettante haar veel kansen en mogelijkheden zal bieden, kansen en mogelijkheden die zij nu niet heeft. [de minderjarige] kijkt er naar uit om bij haar peettante te gaan wonen en hetzelfde geldt voor haar peettante en haar gezin, die te kennen hebben gegeven haar graag in het gezin te willen opnemen.
2.6.
Met de voorgaande zal [de minderjarige] naar Nederland verhuizen, wat ertoe leidt dat ZJCN de voogdij niet meer adequaat zal kunnen uitoefenen, reden waarom ZJCN ook verzoekt de voogdij over te dragen aan een jeugdzorginstelling in Nederland, waar zij Jeugdbescherming West bereid heeft gevonden. Ingevolge artikel 1:322 sub c BW Pro BES kan iedere voogd zich van zijn bediening doen ontslaan indien een daartoe bevoegd persoon zich schriftelijk bereid heeft verklaard de voogdij over te nemen en de rechter in eerste aanleg deze overneming in het belang van de minderjarige acht. Op 13 september 2024 heeft Jeugdbescherming West een bereidverklaring afgelegd. Omdat [de minderjarige] in Nederland zal worden geplaatst, acht het gerecht de overname van de voogdij door deze Nederlandse organisatie in het belang van [de minderjarige].
2.5.
Het voorgaande leidt tot de volgende beslissing.

4.De beslissing

Het gerecht:
4.1.
verleent ZJCN toestemming voor een plaatsing van
[de minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2008, in Nederland, bij haar aldaar wonende peettante
[peettante], geboren op [geboortedatum peettante] 1982;
4.2.
ontslaat ZJCN van haar bediening als voogdes over
[de minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2008 te Nederland;
4.3.
benoemt Stichting Jeugdbescherming West Haaglanden tot voogd over
[de minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2008 te Nederland;
4.4.
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;
4.5.
verstaat dat de griffier een aantekening zal maken van deze beslissing in het gezagsregister.
Deze beschikking is gegeven door mr. J.R. Veerman, rechter, en uitgesproken op
4 oktober 2024 in tegenwoordigheid van de griffier.