ECLI:NL:OGEAA:2026:170

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
29 april 2026
Publicatiedatum
8 juli 2026
Zaaknummer
AUA202601014
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Kort geding
Rechters
  • A.H.M. van de Leur
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 705 RvArt. 513a onder b. RvArt. 3:17 lid 1 onder e. BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Opheffing conservatoir beslag op perceel grond na royement bodemprocedure

Eisers hebben een verzoek ingediend tot opheffing van het conservatoir beslag dat Birenco sinds 1997 op een perceel grond houdt. Het beslag werd gelegd ter verzekering van een bodemprocedure die in 1998 is geroyeerd. Eisers hebben het perceel inmiddels verkocht met een leveringsdatum in mei 2026.

Birenco is niet verschenen en heeft geen verweer gevoerd. Het Gerecht stelt vast dat het beslag geen rechtsgrond meer heeft nu de bodemprocedure is beëindigd. Het spoedeisend belang van eisers is evident vanwege de naderende leveringsdatum.

Het Gerecht oordeelt dat het beslag dient te worden opgeheven en machtigt eisers en de bewaarder van de openbare registers tot doorhaling van het beslag in het Kadaster. Birenco wordt veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en gewezen door rechter Van de Leur op 29 april 2026.

Uitkomst: Het conservatoir beslag op het perceel wordt opgeheven en Birenco wordt veroordeeld in de proceskosten.

Uitspraak

Vonnis van 29 april 2026
Behorend bij AUA202601014 KG
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
VONNIS IN KORT GEDING
in de zaak van:
[Eiser 1], en
[Eiser 2],
te Aruba,
eisende partijen, hierna gezamenlijk ook te noemen: [eisers],
gemachtigden: de advocaten mrs. M. Bemer en C.C.J. Loopstok,
tegen:
BIRENCO CONSTRUCTION N.V.,
te Aruba,
gedaagde partij, hierna ook te noemen: Birenco,
niet verschenen.

1.DE PROCEDURE

1.1 [
Eisers] hebben op 1 april 2026 een verzoekschrift met producties ingediend.
1.2
De mondelinge behandeling van de zaak heeft plaatsgevonden ter terechtzitting van 10 april 2026. Hierbij waren aanwezig [eiser 1] en [eiser 2], bijgestaan door hun gemachtigden voornoemd. Namens Birenco is, hoewel zij deugdelijk is opgeroepen, niemand verschenen. Tegen haar is verstek verleend.
1.3
Vonnis is nader bepaald op heden.

2.DE FEITEN

2.1
Als enerzijds gesteld en anderzijds niet bestreden alsmede op grond van overgelegde niet bestreden producties staat onder meer het volgende vast tussen partijen.
2.2 [
Eiser 2] is eigenaar van een perceel grond groot 2.321 m2, kadastraal bekend als Land Aruba, Eerste Afdeling sectie B nummer 1218 (hierna: het perceel).
2.3
Op 7 oktober 1997 heeft Birenco conservatoir beslag doen leggen op het perceel. Op 20 oktober 1997 heeft Birenco bij dit Gerecht een bodemprocedure ingesteld tegen [eisers], die op 9 september 1998 is geroyeerd.
2.4 [
Eisers] hebben het perceel bij overeenkomst van 30 januari 2026 aan derden verkocht. De overeengekomen leveringsdatum van het perceel is 18 mei 2026.
2.5
Het door Birenco gelegde conservatoire beslag staat tot heden ingeschreven in het openbare register van het Kadaster. Birenco staat in het handelsregister van de Kamer van Koophandel en Nijverheid Aruba geregistreerd als ‘
inactief’.

3.HET GESCHIL

3.1 [
Eisers] vorderen bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, opheffing van het door Birenco gelegde conservatoir beslag op het perceel en machtiging tot doorhaling in het openbare register, met veroordeling van Birenco in de proceskosten.
3.2 [
Eisers] leggen aan hun vordering het volgende ten grondslag. Er is thans geen vordering meer waarop het beslag steunt, nu de bodemprocedure is geroyeerd. Het beslag is evident waardeloos en dient op grond van artikel 705 Rv Pro te worden opgeheven. Met het oog op de nadere leveringsdatum bestaat er urgentie bij opheffing van het beslag.
3.3
Birenco heeft geen verweer gevoerd.

4.DE BEOORDELING

4.1
Het spoedeisend belang van [eisers] volgt uit de aard van de vordering en de daaraan ten grondslag gelegde stellingen.
4.2
De vordering is door Birenco niet weersproken en deze komt het Gerecht niet onrechtmatig of ongegrond voor, zodat deze zal worden toegewezen. Bovendien dient een belangenafweging tot opheffing van het beslag te leiden. Het beslag is immers gelegd ter verzekering van de in de bodemprocedure ingestelde vordering en met het royement is de rechtsgrond van het beslag komen te vervallen. Birenco heeft daardoor geen rechtens te respecteren belang meer bij het laten voortduren van het beslag.
4.3 [
Eisers] zullen op grond van artikel 513a onder b. Rv jo. artikel 3:17 lid 1 onder Pro e. BW door middel van inschrijving van dit vonnis in de openbare registers zelfstandig de doorhaling van het beslag kunnen bewerkstelligen. Deze bepalingen en de reikwijdte van de gevorderde machtiging tot doorhaling zijn ter zitting besproken. Zekerheidshalve, louter ter voorkoming van eventuele onduidelijkheden bij de doorhaling die tot vertraging zouden kunnen leiden, zal het Gerecht de verzochte machtiging van het beslag geven als na te melden. [1]
4.4
Birenco zal, als de in het ongelijk te stellen partij, worden veroordeeld in de kosten van deze procedure gevallen aan de zijde van [eisers], tot aan deze uitspraak begroot op (450,-- + 222,-- + 432,-- =) Afl. 1.104,-- aan verschotten (griffiegeld en oproepkosten) en Afl. 1.000,-- aan gemachtigdensalaris.

5.DE UITSPRAAK

Het Gerecht, recht doende in kort geding bij verstek:
5.1
heft op het op 7 oktober 1997 door Birenco gelegde conservatoire beslag op het perceel grond, kadastraal bekend als Land Aruba, Eerste Afdeling sectie B nummer 1218;
5.2
machtigt [eisers] en de bewaarder van de openbare registers om bovenbedoeld beslag door te (laten) halen in het daarvoor bestemde register van het Kadaster van Aruba;
5.3
veroordeelt Birenco in de kosten van deze procedure gevallen aan de zijde van [eisers], tot aan deze uitspraak begroot op Afl. 2.104,--;
5.4
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.H.M. van de Leur, rechter, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 29 april 2026 in aanwezigheid van de griffier.

Voetnoten

1.Gevorderd is machtiging van [eisers]; ter zitting is besproken dat zekerheidshalve ook de bewaarder wordt gemachtigd en dat het Gerecht de vordering aldus begrijpt.