ECLI:NL:OGEAA:2025:59
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering onverschuldigde betalingen en verdeling gemeenschappelijke inboedel
Eiser en gedaagde hebben tussen 2002 en 2017 een relatie gehad en woonden deels samen op hetzelfde adres. Gedaagde is eigenaar van een perceel met woning, gefinancierd met hypothecaire leningen. Eiser stelt maandelijks Afl. 1.000,- te hebben betaald voor hypotheeklasten en goederen voor inrichting te hebben aangeschaft, waarvoor hij vergoeding eist.
Tijdens de procedure heeft eiser geen bewijs geleverd van de gestelde betalingen en het recht op mede-eigendom. Gedaagde betwist de vorderingen en stelt dat zij slechts sporadisch betalingen ontving tot zij een betaalde baan kreeg. De rechtbank oordeelt dat eiser zijn stellingen onvoldoende heeft onderbouwd en dat de vordering niet kan worden toegewezen.
De rechtbank wijst de vorderingen af, maar verleent eiser wel het recht om kosteloos te procederen vanwege zijn onvermogen. Omdat gedaagde in persoon procedeerde en geen kosten heeft gemaakt, worden proceskosten niet toegewezen. Het vonnis is gewezen door rechter J. Brandt en uitgesproken op 26 februari 2025.
Uitkomst: De vorderingen van eiser worden afgewezen en hij krijgt kosteloos procederen toegestaan.