ECLI:NL:OGEAA:2024:164
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tijdelijke verblijfsvergunning voor arbeid wegens illegaal verblijf
Verzoeker, van Venezolaanse nationaliteit, is in januari 2019 illegaal Aruba binnengekomen en heeft sindsdien geen geldige verblijfsvergunning gehad. Hij diende een asielaanvraag in, waarop geen beslissing is genomen, en meerdere verzoeken om verblijf werden afgewezen, waaronder een aanvraag voor een vergunning tot tijdelijk verblijf met als doel arbeid.
Na afwijzing van zijn aanvraag door de Minister van Arbeid, Energie en Integratie heeft verzoeker bezwaar gemaakt en vervolgens een verzoek tot schorsing van de afwijzing ingediend. Het Gerecht behandelde de zaak op 12 juni 2024 en oordeelde dat schorsing van de beschikking verzoeker geen voordeel oplevert omdat zijn illegale verblijf onveranderd blijft.
Het Gerecht overwoog dat de positieve DPL-verklaring niet automatisch leidt tot een werkvergunning en dat het niet passend is om bij voorlopige voorziening een verblijfsstatus toe te kennen aan iemand die sinds 2019 illegaal verblijft. Het verzoek tot schorsing en voorlopige voorziening werd daarom afgewezen. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek tot schorsing van de afwijzing van de tijdelijke verblijfsvergunning wordt afgewezen vanwege illegaal verblijf sinds 2019.