Uitspraak
1.[Eiser 1],
[Eiser 2],
1.[Gedaagde 1],
[Gedaagde 2],
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
In deze civiele zaak heeft het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba op 17 april 2024 uitspraak gedaan over de toedeling van een woning aan de moeder, waarbij overbedelingsvergoedingen aan de andere aandeelhouders in de woning zijn vastgesteld.
De moeder kon niet aantonen dat zij financiering van FCCA had verkregen, maar legde een leningsovereenkomst over waarmee zij de woning toedeling financierde. Het Gerecht bepaalde dat de woning aan de moeder wordt toegedeeld, onder de verplichting om aan zowel [eiser 1] als [eiser 2] een bedrag van Afl. 7.401,70 te betalen als overbedelingsvergoeding. Daarnaast moet zij huur- en gebruiksvergoedingen voldoen die tot en met april 2024 zijn ontvangen of verschuldigd.
[Gedaagde 2] is veroordeeld tot betaling van haar aandeel in de huur en gebruiksvergoeding aan de eisers. De kosten van het taxatierapport worden naar evenredigheid verdeeld en de proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. Alle partijen dienen mee te werken aan de levering van de onverdeelde aandelen van de woning aan de moeder.
De uitspraak bevat gedetailleerde betalingsverplichtingen en een regeling voor de betaling van eigenaarslasten indien de moeder deze heeft voorgeschoten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De woning wordt aan de moeder toegedeeld onder verplichting tot betaling van overbedelingsvergoedingen en huurvergoedingen aan eisers en gedaagde.