ECLI:NL:OGEAA:2023:12
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.E.B. de Haseth
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen uitzettingsbevel wegens valse identiteit
Verzoekster, van Colombiaanse nationaliteit, verbleef in Aruba onder een valse Venezolaanse identiteit en is aangehouden wegens verdenking van oplichting en valsheid in geschrifte. Verweerder heeft een uitzettingsbevel en meldplicht opgelegd op grond van het verlopen van haar tijdelijke verblijfsvergunning.
Verzoekster heeft een voorlopige voorziening gevraagd om het uitzettingsbevel en de meldplicht te schorsen en haar Colombiaanse paspoort terug te krijgen, stellende dat zij recht heeft op verblijf vanwege haar familieleven met een in Aruba geboren Nederlander en haar minderjarige kind.
Het gerecht oordeelt dat verweerder bevoegd is tot uitzetting omdat verzoekster geen geldige verblijfsvergunning heeft en verdachte is van een strafbaar feit. Het is niet duidelijk dat de minister verplicht is haar een verblijfsvergunning te verlenen. Ook is onvoldoende aangetoond dat onmiddellijke uitvoering van het uitzettingsbevel onevenredig nadeel oplevert of dat sprake is van onverwijlde spoed.
Daarom wordt het verzoek tot voorlopige voorziening afgewezen. Er is geen grond voor proceskostenveroordeling en tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek tot voorlopige voorziening tegen het uitzettingsbevel wordt afgewezen.