ECLI:NL:OGEAA:2022:274
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.E.B. de Haseth
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening opheffing niet-toelating Aruba
Verzoeker, met de Colombiaanse nationaliteit, is bij uitzettingsbevel van 12 januari 2021 voor een periode van 42 maanden niet toegelaten tot Aruba. Hij is in Colombia getrouwd met een in Aruba geboren Nederlander en verzocht op 19 januari 2022 om opheffing van de niet-toelatingsperiode. Dit verzoek bleef onbeantwoord, waarna hij op 28 mei 2022 bezwaar maakte en op 31 mei 2022 een verzoekschrift indiende voor een voorlopige voorziening.
Het gerecht behandelde het verzoek op 15 juni 2022 en overwoog dat de verzoeker het huwelijk kan inschrijven via de website van de Dienst Burgerlijke Stand en Bevolkingsregister (Censo) zonder fysiek in Aruba aanwezig te zijn. Ook kan de huwelijkstoets, die onderdeel is van de inschrijving, via de Nederlandse ambassade in Colombia worden afgelegd. Verzoeker en zijn echtgenote hadden nog geen inschrijvingsverzoek ingediend en de overgelegde documenten waren onvoldoende.
Gezien deze omstandigheden oordeelde het gerecht dat er geen sprake is van een onevenredig nadeel dat een voorlopige voorziening rechtvaardigt. Het feit dat verzoeker een vliegticket had gekocht om op 28 juli 2022 naar Aruba te reizen, woog niet mee omdat dit risico voor zijn rekening komt. Het verzoek werd daarom afgewezen en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening tot opheffing van de niet-toelatingsperiode tot Aruba wordt afgewezen.