ECLI:NL:OGEAA:2022:23

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
9 februari 2022
Publicatiedatum
21 februari 2022
Zaaknummer
AUA202102171
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • A.H.M. van de Leur
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 63a Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Betalingsvordering Crown Furniture tegen gedaagde toegewezen met rente en incassokosten

De vennootschap Duvit Stores VBA, handelend onder Crown Furniture & More, vorderde betaling van een openstaand bedrag van 903,99 Arubaanse florin van gedaagde, vermeerderd met contractuele rente en incassokosten.

Na een comparitie van partijen en vermindering van de eis door Crown, oordeelde het Gerecht dat de hoofdsom opeisbaar verschuldigd was. De vordering tot betaling van contractuele rente en vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten werd eveneens toegewezen.

De incassokosten werden vastgesteld op 375 Arubaanse florin, passend bij de verrichte werkzaamheden. Gedaagde werd veroordeeld in de proceskosten van Crown, begroot op 600 Arubaanse florin.

Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard en uitgesproken door rechter A.H.M. van de Leur op 9 februari 2022.

Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van 903,99 Arubaanse florin met rente en incassokosten, en in de proceskosten.

Uitspraak

Vonnis van 9 februari 2022
Behorend bij B.B. nr. AUA202102171
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
VONNIS
in de zaak van:
de vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
DUVIT STORES VBA, handelend onder de naam “CROWN FURNITURE & MORE”,
gevestigd in Aruba,
EISERES,
hierna ook te noemen: Crown,
gemachtigde: B. Roos,
tegen:
[naam gedaagd],
wonende in Aruba, [adres gedaagde],
GEDAAGDE,
hierna ook te noemen: [gedaagde],
procederend in persoon.

1.DE PROCEDURE

Het verloop van de procedure tot 27 oktober 2021 blijkt uit het tussenvonnis van dit Gerecht van die datum. De bij dat vonnis gelaste comparitie van partijen na antwoord heeft plaatsgevonden op maandag 6 december 2021. Crown is ter zitting verschenen bij de heer [naam gemachtigde van Crown], die occupeerde voor haar gemachtigde. [gedaagde] is in persoon ter zitting verschenen. Partijen hebben over en weer het woord gevoerd, en hebben gereageerd of kunnen reageren op elkaars stellingen.
1.2
Crown heeft ter zitting haar eis verminderd met Afl. 450,--.
1.3
Vonnis is nader bepaald op vandaag.

2.HET GESCHIL

2.1
Crown vordert dat het Gerecht een uitvoerbaar bij voorraad te verklaren betalingsbevel uitvaardigt tegen [gedaagde] goed voor (1.353,99 minus 450,-- =) Afl. 903,99, te vermeerderen met contractuele rente ad 1% maandelijks gerekend vanaf 12 mei 2021 en met een vergoeding voor buiten rechte gemaakte incassokosten, kosten rechtens.
2.2 [
gedaagde] voert verweer.

3.DE VERDERE BEOORDELING

3.1
Het Gerecht volhardt in zijn in het tussenvonnis neergelegde overwegingen en beslissingen.
3.2
Uit rechtsoverweging 2.6 van het tussenvonnis en het verhandelde ter zitting volgt dat [gedaagde] het thans gevorderde (verminderde) bedrag in hoofdsom opeisbaar verschuldigd is aan Crown. Die vordering zal daarom worden toegewezen als na te melden. De nevenvordering van Crown ter zake van contractuele rente over de hoofdsom zal, als zijnde onbestreden, eveneens worden toegewezen als na te melden.
3.3
De vordering van Crown ter zake van vergoeding voor kosten van buitengerechtelijke incassowerkzaamheden zal ook worden toegewezen, nu is gebleken dat Crown te dezen meer werkzaamheden heeft verricht of laten verrichten dan die ter voorbereiding van de gedingstukken en ter instructie van de zaak, waarvoor artikel 63a Rv een voorziening geeft. Naar het oordeel van het Gerecht mocht Crown redelijkerwijs die werkzaamheden (laten) verrichten, en de in overeenstemming met het Procesreglement toe te kennen vergoeding daarvoor, te weten Afl. 375,--, is ook redelijk.
3.4 [
gedaagde] zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van deze procedure gevallen aan de zijde van Crown, tot aan deze uitspraak begroot op Afl. 100,-- aan griffierechten en Afl. 500,-- aan salaris voor de gemachtigde (2 punten, tarief 2 ad Afl. 250,-- per punt).

4.DE UITSPRAAK

Het Gerecht:
-veroordeelt [gedaagde] om aan Crown te betalen Afl. 903,99, te vermeerderen met (1) contractuele rente ad 1% maandelijks gerekend vanaf 12 mei 2021 tot aan de algehele voldoening en (2) met Afl. 375,-- aan vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten;
-veroordeelt [gedaagde] in de kosten van deze procedure gevallen aan de zijde van Crown, tot aan deze uitspraak begroot op Afl. 600,--;
-verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.H.M. van de Leur, rechter, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 9 februari 2022 in aanwezigheid van de griffier.