Uitspraak
LA GRANJA,
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
De werknemer trad op 8 maart 2019 in dienst bij Martex Food Services N.V. als keukenhulp. Op 26 september 2020 sloeg zij een collega op de werkvloer, wat door Martex werd aangemerkt als een dringende reden voor ontslag op staande voet op 28 september 2020.
De werknemer betwistte aanvankelijk het ontslag, maar berustte later daarin. Zij vorderde onder meer een verklaring voor recht dat het ontslag onregelmatig en kennelijk onredelijk was, en een cessantia-uitkering. Martex voerde verweer en stelde dat het ontslag terecht was gegeven vanwege het fysieke geweld.
Het gerecht nam videobeeldmateriaal in overweging waaruit bleek dat de werknemer zonder geldige reden haar collega had geslagen. De stelling van de werknemer dat zij uit zelfverdediging handelde werd niet ondersteund door het bewijs. Het gerecht oordeelde dat het ontslag op staande voet terecht was en dat er geen recht op cessantia-uitkering bestond.
Daarom werden alle vorderingen van de werknemer afgewezen en werd zij veroordeeld in de proceskosten. Tevens werd haar verlof tot kosteloos procederen verleend vanwege haar onvermogen de kosten te dragen.
Uitkomst: Het gerecht bevestigt het ontslag op staande voet wegens fysieke mishandeling en wijst alle vorderingen van de werknemer af.