Uitspraak
DE PROCEDURE
2.DE FEITEN
‘Addendum purchase agreement Noord 40’.
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Op 13 februari 2020 sloten eiser en gedaagde een schriftelijke koopovereenkomst voor een onroerende zaak in Aruba, met een koopprijs van Afl. 1.100.000 en een contractuele boete van Afl. 110.000 bij wanprestatie. Gedaagde betaalde de 'security deposit' niet binnen de gestelde termijn, waarna eiser de overeenkomst ontbond en betaling van de boete vorderde.
Gedaagde voerde verweer en stelde dat hij de Engelse koopovereenkomst niet begreep en dacht een 'letter of intent' te tekenen, waardoor volgens hem geen wilsovereenstemming bestond. Het gerecht constateerde dat eiser onvoldoende had vastgesteld of gedaagde de Engelse taal beheerste en dat de overeenkomst daarom geen dwingend bewijs vormde voor instemming met de boetebepaling.
Het gerecht besloot een comparitie te gelasten om nadere informatie te verkrijgen over de onderhandelingen, communicatie en uitleg van de overeenkomst, waarbij partijen in persoon en met tolk aanwezig moeten zijn. De beslissing over de vordering werd aangehouden tot na deze comparitie.
Uitkomst: Beslissing over vordering tot betaling contractuele boete wordt aangehouden en comparitie gelast.