ECLI:NL:OGEAA:2021:27
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen weigering tijdelijke verblijfsvergunning wegens ontbrekende juiste DPL-notificatiebrief
Appellante, de Minister van Justitie, Veiligheid en Integratie, heeft beroep ingesteld tegen de beslissing van verweerder om haar aanvraag voor een tijdelijke verblijfsvergunning met toestemming voor arbeid af te wijzen. Verweerder stelde dat appellante geen geldige DPL-notificatiebrief had overgelegd, aangezien de ingediende verklaring betrekking had op een andere functie dan waarvoor de vergunning was aangevraagd.
Het beleid vereist dat voor functies die onder de vrijstellingslijst van de DPL vallen, een schriftelijke aanmelding bij de DPL en een notificatiebrief worden overlegd. Appellante had een verklaring ingediend die betrekking had op de functie van penningmeester, terwijl de aanvraag betrekking had op de functie van missionaris. Hierdoor concludeerde verweerder terecht dat niet aan de vereisten was voldaan.
Appellante beriep zich op het vertrouwensbeginsel, stellende dat zij in het verleden was vrijgesteld van de arbeidsmarkttoets voor haar werkzaamheden als missionaris. Dit beroep faalde omdat ook bij vrijstelling een passende DPL-verklaring vereist is.
Het gerecht oordeelde dat het beleid van verweerder niet kennelijk onredelijk is en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de tijdelijke verblijfsvergunning wordt ongegrond verklaard wegens het ontbreken van een juiste DPL-notificatiebrief.