ECLI:NL:OGEAA:2020:94
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Beschikking
- N.K. Engelbrecht
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging voorlopige toevertrouwing minderjarige wegens mishandeling en verwaarlozing
De moeder woont al jaren in Aruba, terwijl de minderjarige sinds zijn geboorte in Haïti verbleef en in 2016 naar Aruba kwam om bij haar te wonen. Op 15 november 2019 heeft het openbaar ministerie het gezag van de moeder over de minderjarige onttrokken en hem voorlopig aan de voogdijraad toevertrouwd.
De moeder is beschuldigd van mishandeling, waaronder het slaan van de minderjarige met een riem, wat op school werd opgemerkt. De minderjarige vertoont gedragsproblemen zoals liegen, stelen, ongehoorzaamheid en agressief gedrag. De voogdijraad rapporteerde dat de moeder de ernst van haar handelen niet inziet en dat er vermoedens zijn dat zij niet de biologische moeder is, wat het herstel van de ouder-kindrelatie bemoeilijkt.
Het gerecht oordeelt dat er voldoende gronden zijn voor de voorlopige maatregel en schorst de moeder geheel in de uitoefening van het gezag over de minderjarige. De minderjarige blijft voorlopig in het Kindertehuis Imeldahof onder voogdij van de voogdijraad, met de toevertrouwing geldig tot 1 september 2020.
Uitkomst: De moeder wordt geschorst uit het gezag en de minderjarige wordt voorlopig aan de voogdijraad toevertrouwd tot 1 september 2020.