ECLI:NL:OGEAA:2020:546
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.H.M. van de Leur
- Rechtspraak.nl
Verdeling gemeenschap en verkoop onroerend goed tussen ex-partners
In deze civiele zaak gaat het om de verdeling van de gemeenschap tussen [eiseres] en [gedaagde], met betrekking tot huurinkomsten, hypotheekbetalingen, erfpachtcanon en het gebruik van de echtelijke woning.
Het Gerecht stelt vast dat [eiseres] sinds 2013 huurinkomsten heeft ontvangen en dat zij de hypotheeklasten heeft voldaan. De helft van deze bedragen is verschuldigd aan [gedaagde]. Tevens is vastgesteld dat [eiseres] de woning heeft gebruikt en daarvoor een vergoeding aan [gedaagde] moet betalen.
Omdat [gedaagde] niet in staat is de woning over te nemen, wordt bepaald dat het onroerend goed binnen tien maanden onderhands verkocht wordt tegen een bodemprijs, waarna bij uitblijven van verkoop het openbaar verkocht mag worden. De netto-opbrengst wordt gelijk verdeeld, waarbij verrekening plaatsvindt van de onderlinge vorderingen.
De proceskosten worden gecompenseerd, zodat ieder zijn eigen kosten draagt. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en uitgesproken op 9 december 2020.
Uitkomst: Het Gerecht deelt de huurinkomsten, hypotheekaflossingen en erfpachtkosten, bepaalt vergoeding gebruik woning en legt verkoop van het onroerend goed met verrekening van onderlinge vorderingen op.