ECLI:NL:OGEAA:2020:422
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak wegens ontbreken gegronde vrees voor vervolging
Verzoeker, van Venezolaanse nationaliteit, diende een asielaanvraag in Aruba in na een uitzettingsbevel. Hij vreesde vervolging vanwege politieke banden van zijn schoonouders en incidenten met onbekende misdadigers. Verweerder wees het asielverzoek af en verweigerde schorsing van de beschikking.
De voorzieningenrechter oordeelt dat geen gegronde vrees voor vervolging is aangetoond. De situatie van verzoeker voldoet niet aan de criteria van het Vluchtelingenverdrag, mede omdat verzoeker nagelaten heeft bescherming te zoeken bij autoriteiten en het land legaal kon verlaten. Ook is niet aannemelijk dat hij na terugkeer een behandeling als bedoeld in artikel 3 EVRM Pro zal ondergaan.
Daarom is het verzoek tot schorsing van de beschikking afgewezen. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek tot voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens ontbreken van gegronde vrees voor vervolging.