ECLI:NL:OGEAA:2020:324
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Kort geding
- A.H.M. van de Leur
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering koopovereenkomst wegens verstrijken redelijke aanvaardtermijn
In deze zaak vordert de naamloze vennootschap Pueblo Viejo Investment Corp N.V. (PVIC) dat het Land Aruba gehouden wordt tot overdracht van percelen op grond van een vermeende koopovereenkomst. Het Gerecht gaat uit van de stelling van PVIC dat het Land op 17 oktober 2016 een rechtsgeldig aanbod tot verkoop heeft gedaan.
PVIC stelt het aanbod te hebben aanvaard op 23 mei 2018 door betaling van een factuur. Het Gerecht oordeelt echter dat deze aanvaarding ruim negentien maanden na het aanbod plaatsvond, waardoor de redelijke termijn voor aanvaarding als bedoeld in artikel 6:221 lid 1 BW Pro was verstreken. Het aanbod was daardoor vervallen en kon niet meer worden aanvaard.
Het Gerecht ziet geen reden om het beroep van het Land op artikel 6:221 BW Pro onaanvaardbaar te achten en wijst de vordering van PVIC af. Daarnaast wordt PVIC veroordeeld in de proceskosten, die nihil zijn omdat het Land werd bijgestaan door ambtenaren. Partijen wordt aangeraden opnieuw te onderhandelen over een mogelijke overdracht.
Uitkomst: De vordering tot overdracht van percelen wordt afgewezen omdat de aanvaarding van het aanbod buiten de redelijke termijn viel.