Uitspraak
1.DE PROCEDURE
2.DE VASTSTAANDE FEITEN
pool attendant.
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Verweerder trad op 20 juli 2019 in dienst bij verzoekster als pool attendant. Op 6 februari 2020 verzocht hij om loonsverhoging, wat werd afgewezen. Vanaf 7 februari 2020 verscheen verweerder niet meer op het werk, ondanks meerdere schriftelijke oproepen en waarschuwingen dat dit kon leiden tot ontslag op staande voet. Op 11 februari 2020 werd hij daadwerkelijk op staande voet ontslagen wegens ongeoorloofd werkverzuim.
Verzoekster verzocht het Gerecht om de arbeidsovereenkomst te ontbinden wegens gewichtige redenen, primair op grond van een dringende reden, subsidiair wegens veranderde omstandigheden. Verweerder heeft geen verweer gevoerd ondanks de mogelijkheid daartoe. Het Gerecht oordeelde dat de stellingen van verzoekster vaststaan en dat het ongeoorloofd werkverzuim een dringende reden vormt die ontbinding rechtvaardigt.
Het Gerecht wees de ontbinding toe met ingang van 15 juli 2020, compenseerde de proceskosten zodat iedere partij haar eigen kosten draagt, en verklaarde de beschikking uitvoerbaar bij voorraad. Verweerder heeft de nietigheid van het ontslag op staande voet niet ingeroepen en is niet meer op het werk verschenen na het ontslag.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden wegens gewichtige redenen met ingang van 15 juli 2020.