ECLI:NL:OGEAA:2019:583

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
10 september 2019
Publicatiedatum
16 september 2019
Zaaknummer
AUA201803571
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
  • N.K. Engelbrecht
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:378 lid 1 sub b BWAArt. 1:386 lid 1 BWAArt. 1:338 BWAArt. 1:359 lid 1 BWA
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ondercuratelestelling wegens verkwisting van meerderjarige met zwakbegaafdheid

Verzoekster heeft bij het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba een verzoek ingediend om haar zoon onder curatele te stellen wegens verkwisting. De zoon, zwakbegaafd en financieel kwetsbaar, heeft meerdere leningen afgesloten en rekeningen betaald voor derden zonder terugbetaling, wat heeft geleid tot aanzienlijke schulden en onvermogen om in eigen levensonderhoud te voorzien.

Tijdens de mondelinge behandeling is vastgesteld dat verweerder niet in staat is om doordachte financiële beslissingen te nemen en dat hij regelmatig ondoordachte handelingen verricht die hem financieel schaden. Het gerecht acht aannemelijk dat hij wordt misbruikt door derden en dat zijn verkwistende gedrag een patroon vormt dat niet vanzelf zal stoppen.

Het verzoek is gegrond verklaard op grond van artikel 1:378 lid 1 sub b van Pro het Burgerlijk Wetboek van Aruba. Verweerder heeft geen bezwaar tegen de benoeming van zijn moeder tot curatrice, wat het gerecht passend acht. De curatrice krijgt verplichtingen opgelegd omtrent het beheer en de verantwoording van het vermogen van verweerder.

De beschikking bepaalt tevens dat de uitspraak binnen tien dagen na uitvoering wordt gepubliceerd in de Landscourant van Aruba en twee dagbladen. Hiermee wordt verweerder onder curatele gesteld en wordt de financiële bescherming van zijn belangen gewaarborgd.

Uitkomst: Verweerder wordt onder curatele gesteld wegens verkwisting en zijn moeder benoemd tot curatrice.

Uitspraak

Beschikking van 10 september 2019
behorend bij EJ. nr. AUA201803571
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
BESCHIKKING
op het verzoek van:
[Verzoekster],
wonende in Aruba, te [adres],
VERZOEK,
gemachtigde: de advocaat mr. G.L. Griffith,
om ondercuratelestelling van haar zoon:
[Verweerder],
wonende in Aruba, [adres],
VERWEERDER,
in persoon,
Belanghebbenden:
[vader], de vader,
[zus], de zus.

1.DE PROCEDURE

De procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift, ingediend op 6 november 2018.
- de mondelinge behandeling ter zitting van 26 maart 2019, waar zijn verschenen verzoekster bijgestaan door zijn gemachtigde voornoemd, verweerder en belanghebbenden in persoon.
De uitspraak is nader

2.HET VERZOEK

Het verzoek strekt ertoe dat verweerder onder curatele wordt gesteld wegens verkwisting, met benoeming van [verzoekster] tot curat.
Daartoe wordt gesteld dat verweerder zwakbegaafd is en door derden wordt misbruikt. Zo is hij een persoonlijke lening aangegaan om derden geld te kunnen lenen, heeft hij spullen – al dan niet op afbetaling – gekocht voor derden, en heeft hij diverse rekeningen van derden betaalt, zonder dat hij wordt terugbetaald, met het gevolg dat hij meerdere schulden heeft en niet meer kan voorzien in zijn eigen levensonderhoud. Inmiddels heeft verweerder een schuld bij Crown van bijna Afl. 9.000,- voor het kopen op krediet van goederen ten behoeve van ene [naam 1]], en een schuld bij de CMB bank van ruim Afl. 15.000,- uit een persoonlijke lening die hij is aangegaan om ene [naam 2] en ene [naam 3] geld te lenen. Hij heeft tevens elektriciteitsrekeningen voor ene [naam 4] betaalt en een telefoonrekening ad Afl. 2.096,- voor iemand anders.

3.DE BEOORDELING

3.1
Het verzoek is gegrond op artikel 1:378, lid 1 onder sub b van het Burgerlijk Wetboek van Aruba (BWA). Ingevolge deze bepaling kan een meerderjarige, door de rechter, onder curatele worden gesteld wegens verkwisting. Het begrip verkwisting dient te worden vastgesteld op grond van feiten en omstandigheden. Voorts dient er sprake te zijn van een patroon van verkwistende handelingen en dient de verwachting te bestaan dat het verkwistende handelen niet zondermeer zal stoppen.
3.2
Ter onderbouwing van het verzoek heeft verzoekster, gesteund door de belanghebbenden en een rapportage van een psycholoog, aangevoerd dat verweerder vanwege zijn zwakbegaafdheid en persoonlijkheidskenmerken, niet in staat is doordachte beslissingen te nemen, en de strekking van zijn beslissingsproces niet inziet. Zo leent hij geld aan anderen zonder dat dit hem wordt terugbetaald, waardoor hij zelf in de financiële problemen komt.
Verweerder heeft ter zitting te kennen gegeven dat hij graag zijn vrienden financieel helpt, en dat hij het niet erg vindt dat hij niet wordt terugbetaald. Hij heeft een schuld van totaal Afl. 32.000,-, een maandelijkse aflossing van Afl. 1.200,- en een netto-maandinkomen van Afl. 2.100,-.
3.3
Uit het verhandelde ter zitting en de overgelegde stukken is genoegzaam gebleken dat verweerder niet in staat zelf zorg te dragen voor het beheer van zijn eigen financiën. Hij neemt regelmatig ondoordachte financiële beslissingen en is niet in staat de gevolgen van zijn gedragingen te overzien. Verder acht het gerecht het aannemelijk dat verweerder niet is opgewassen tegen personen die misbruik maken van zijn vertrouwen. Naar het oordeel van het gerecht is hier sprake van een patroon van verkwistende handelingen. Tevens bestaat de verwachting dat het verkwistend handelen van verweerder, gelet op zijn zwakbegaafdheid en persoonlijkheidskenmerken, niet zondermeer zal stoppen. Het verzoek tot ondercuratelestelling is dan ook voor toewijzing vatbaar.
3.4
Verweerder heeft te kennen gegeven geen bezwaar te hebben tegen benoeming van zijn moeder tot zijn curatrice. Deze benoeming strookt ook naar het oordeel van het gerecht het meest met de belangen van de verweerder. Nu voor het overige niet van bezwaren daartegen is gebleken, zal het gerecht dienovereenkomstig beslissen.
3.5
De curatrice dient ingevolge artikel 1:386 lid 1 van Pro het Burgerlijk Wetboek (BW) juncto artikel 1:338 BW Pro
binnen acht wekenna aanvang van haar taak als curatrice een schriftelijke opgave ter griffie van dit gerecht te doen van de bij het begin van de curatele aanwezige gerede gelden, effecten aan toonder en spaarbankboekjes.
De curatrice dient voorts
binnen acht maandenna aanvang van haar taak als curatrice ter bevestiging van haar deugdelijkheid een door haar ondertekende boedelbeschrijving bij de griffie van dit gerecht in te dienen. In de boedelbeschrijving is begrepen opgave van de wijzigingen in de samenstelling van het vermogen tot het ogenblik dat zij wordt opgemaakt.
3.6
De curatrice dient ingevolge artikel 1:386 lid 1 BW Pro in samenhang met artikel 1:359 lid 1 BW Pro
jaarlijkseen rekening van haar bewind over de goederen van de onder curatele gestelde ter griffie van dit gerecht in te dienen, voor het eerst uiterlijk op
1 juni 2021.

4.DE BESLISSING

Het gerecht:
stelt [verweerder], geboren op [geboortedatum] 1981 in Aruba, onder curatele,
benoemt over de onder curatele gestelde tot curat zijn moeder, [verzoekster], geboren op [geboortedatum] 1956 in Aruba en wonende in Aruba,
bepaalt dat deze uitspraak vanwege de curatrice binnen tien (10) dagen nadat deze ten uitvoer kan worden gelegd, wordt geplaatst in de Landscourant van Aruba, alsmede in de dagbladen “DIARIO” en “AMIGOE DI ARUBA”.
Deze beschikking is gegeven door mr. N.K. Engelbrecht, rechter in dit gerecht, ter terechtzitting van dinsdag 10 september 2019 in tegenwoordigheid van de griffier.