ECLI:NL:OGEAA:2019:551
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.E.B. de Haseth
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen uitzettingsbevel wegens illegaal verblijf
Verzoeker, van Dominicaanse nationaliteit, verbleef sinds 17 juni 2015 zonder geldige verblijfstitel in Aruba. Na diverse pogingen om een nieuwe verblijfsvergunning te verkrijgen, heeft de Minister van Justitie, Veiligheid en Integratie op 8 juli 2019 een bevel tot uitzetting en inbewaringstelling uitgevaardigd. Verzoeker maakte hiertegen bezwaar en vroeg bij het gerecht om schorsing van dit bevel op grond van artikel 54 van Pro de Landsverordening administratieve rechtspraak.
De voorzieningenrechter overwoog dat het belang van het land Aruba om de wet- en regelgeving omtrent toelating van vreemdelingen strikt te handhaven zwaarder weegt dan het belang van verzoeker om zijn verblijf zonder geldige vergunning voort te zetten. Hoewel verzoeker sinds 2015 illegaal verbleef, heeft hij een nieuw verzoek tot verblijf ingediend waarop een beschikking gereed ligt.
De rechter concludeerde dat er geen reden bestaat om het uitzettingsbevel te schorsen en wees het verzoek af. De uitspraak is definitief en er staat geen rechtsmiddel tegen open.
Uitkomst: Het verzoek tot schorsing van het uitzettingsbevel wordt afgewezen omdat het belang van handhaving van verblijfsregels zwaarder weegt dan het belang van verzoeker.