Uitspraak
1.DE PROCEDURE
2.DE VASTSTAANDE FEITEN
…)
Onderwerp: opzegging dienstverband
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Verzoeker was arbeidscontractant bij de overheidsdienst Servicio pa Comunidad y Bario (SCB), die in 2016 werd opgericht. Na de verkiezingen van september 2017 en de regeringswisseling in november 2017 werd het SCB opgeheven. Verzoeker had een arbeidsovereenkomst die eindigde op 17 november 2017, maar hij bleef enige tijd doorwerken. Het Land Aruba besloot de arbeidsovereenkomst op te zeggen per 31 januari 2018, met terugwerkende kracht.
Verzoeker stelde dat hij in vaste dienst was en dat het ontslag kennelijk onredelijk was, omdat hij in de laatste fase van benoeming tot ambtenaar verkeerde en het Land handelde in strijd met algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Het Land betwistte dit en stelde dat de arbeidsovereenkomst rechtsgeldig was geëindigd en dat de opzegging tijdens de demissionaire periode van het vorige kabinet onwettig was.
De rechter oordeelde dat de arbeidsovereenkomst van rechtswege was geëindigd, maar dat verzoeker na die datum op basis van een stilzwijgende verlenging bleef werken. De opzegging was onaanvaardbaar omdat het Land onvoldoende rekening hield met verzoekers belangen en geen aanbod tot vergoeding deed. Herstel van de arbeidsovereenkomst was feitelijk onmogelijk vanwege de opheffing van SCB. Daarom werd een vergoeding van circa twee maanden loon toegekend en werd het verzoek tot wedertewerkstelling afgewezen.
Uitkomst: Het ontslag van verzoeker is kennelijk onredelijk en hij ontvangt een vergoeding van circa twee maanden loon, zonder wedertewerkstelling.