ECLI:NL:OGEAA:2019:440
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Ontruiming woning wegens wanbetaling huur en wanprestatie
Verzoekster verhuurt sinds februari 2018 een woning aan gedaagde op basis van een schriftelijke huurovereenkomst. Bij brief in september 2018 is gedaagde geïnformeerd over de voorgenomen verkoop van de woning en de opzegging van de huurovereenkomst per 1 februari 2019 indien zij de woning niet koopt. Sinds september 2019 heeft gedaagde geen huur meer betaald, waardoor sprake is van wanprestatie.
Verzoekster heeft conservatoir beslag gelegd op het salaris van gedaagde vanwege de huurachterstand. Gedaagde heeft de woning nog niet verlaten, maar heeft ter zitting aangegeven bereid te zijn de woning te ontruimen. Het gerecht acht het spoedeisend belang van verzoekster voldoende bewezen en stelt vast dat de wanprestatie aannemelijk is.
Het gerecht wijst de vordering tot ontruiming toe met een termijn van drie maanden, die als redelijk wordt beschouwd. De gevorderde boetebedragen en kosten worden afgewezen vanwege onvoldoende specificatie en onderbouwing. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van een voorschot op de huur en de toekomstige huurtermijnen zolang de woning niet is ontruimd, en in de proceskosten.
Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot ontruiming binnen drie maanden en betaling van huurvoorschot en toekomstige huurtermijnen.