ECLI:NL:OGEAA:2018:819
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Weigering verklaring omtrent gedrag na onherroepelijke veroordeling
Klager verzocht om een verklaring omtrent gedrag (VOG) om toegang te verkrijgen tot het vliegveld. Verweerder weigerde deze verklaring op grond van een openstaande strafzaak uit 2017 waarbij klager werd verdacht van mishandeling en diefstal.
Klager betoogde dat hij al zes maanden werkzaam was bij het vliegveld en dat zijn gezin afhankelijk was van zijn inkomen. Verweerder overhandigde een onherroepelijk vonnis van 1 november 2018 waaruit bleek dat klager veroordeeld was voor mishandeling, diefstal en een verkeersovertreding, met een taakstraf en geldboete.
Het gerecht oordeelde dat verweerder terecht bezwaren had tegen klager gelet op het doel van de VOG en de aard van de veroordeling. Op grond van artikel 22, eerste lid, van de Landsverordening Verklaring Omtrent het Gedrag (Lv VOG) was verweerder verplicht de verklaring te weigeren.
De klacht van klager werd daarom ongegrond verklaard. De uitspraak is definitief en hoger beroep is uitgesloten.
Uitkomst: De klacht tegen de weigering van de verklaring omtrent gedrag wordt ongegrond verklaard.