ECLI:NL:OGEAA:2018:663
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Herstel dienstbetrekking na kennelijk onredelijk ontslag door Land Aruba
Verzoekster was sinds 1 november 2010 op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd in dienst van het Land Aruba, steeds gekoppeld aan de regeerperiode van kabinetten. Na het aantreden van het kabinet Wever-Croes I eindigde haar arbeidsovereenkomst van rechtswege op 31 oktober 2017. Desondanks bleef zij doorwerken tot medio januari 2018, zonder dat dit tegen instructies was.
Het Land Aruba zegde het dienstverband op 27 december 2017 op met inachtneming van een opzegtermijn tot 31 januari 2018, maar zonder duidelijke motivering en zonder aanbod van vergoeding. Verzoekster stelde dat het ontslag kennelijk onredelijk was en vorderde herstel van de arbeidsovereenkomst of een vergoeding.
Het gerecht oordeelde dat het ontslag niet voldeed aan de eisen van redelijkheid en billijkheid, mede omdat het Land niet had toegelicht waarom verzoekster werd ontslagen en het ontslag diffamerend was doordat het leek te berusten op het feit dat zij door het vorige kabinet was aangenomen. Het Land werd veroordeeld tot herstel van de dienstbetrekking per 1 februari 2018, met een alternatieve vergoeding van circa vier maanden loon als het herstel niet plaatsvindt. Tevens werd het Land veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het Land Aruba wordt bevolen de dienstbetrekking te herstellen per 1 februari 2018 of een vergoeding van Afl. 15.600,- te betalen.