ECLI:NL:OGEAA:2018:435
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betaling huurschulden en buitengerechtelijke kosten na beëindiging huurovereenkomst
Partijen sloten een huurovereenkomst die per 1 oktober 2017 werd beëindigd. Naar aanleiding daarvan ontstond discussie over nog te betalen bedragen voor diensten van Web, Elmar, Setar en Serlimar. Gedaagde werd door eiser via een deurwaarder aangemaand om een bedrag van Afl. 849,- te voldoen.
Eiser vorderde betaling van Afl. 689,- plus wettelijke rente en buitengerechtelijke kosten van Afl. 175,-. Gedaagde voerde verweer dat zij op de dag van sleuteloverdracht een bedrag van Afl. 691,- contant aan eiser had betaald, maar kon dit niet bewijzen. Zij had wel Afl. 160,- aan de deurwaarder betaald.
De rechtbank oordeelde dat gedaagde de bewijslast droeg voor haar bevrijdend verweer, maar geen bewijs aanbood. Hierdoor kwam de vordering vast te staan en werd deze toegewezen. Ook de buitengerechtelijke kosten werden toegewezen. Gedaagde werd veroordeeld tot betaling van het bedrag, rente, incassokosten en proceskosten, met het vonnis uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van Afl. 689,- plus rente en incassokosten wegens niet-betaling na beëindiging huurovereenkomst.