ECLI:NL:OGEAA:2018:417

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
3 juli 2018
Publicatiedatum
12 juli 2018
Zaaknummer
EJ nr. AUA201800845
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:254 BW ArubaArt. 1:263 BW Aruba
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ondertoezichtstelling en plaatsing minderjarige in Orthopedagogisch Centrum

De Voogdijraad verzocht om ondertoezichtstelling van een minderjarige geboren in 2001 in Aruba, vanwege gedragsproblemen en een bedreiging van zijn zedelijke en lichamelijke ontwikkeling. De minderjarige vertoonde ernstige gedragsproblemen, waaronder een eerdere opname in de PAAZ, weigering medicatie, aanvallen op ouders en leiding, en een zelfmoordpoging. De ouders voelden zich machteloos en bang.

Het gerecht achtte de gronden voor ondertoezichtstelling aanwezig op basis van artikel 1:254 BW Pro Aruba en besloot de minderjarige voor de duur van één jaar onder toezicht te stellen. Tevens werd op grond van artikel 1:263 BW Pro Aruba de opname in het Orthopedagogisch Centrum bevolen, omdat dit noodzakelijk was voor de verzorging en opvoeding.

De moeder was ondanks oproep niet verschenen, de vader en betrokken medewerkers van de Voogdijraad en de voorgestelde gezinsvoogdes waren wel aanwezig tijdens de zitting. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en de gezinsvoogdes benoemd voor de duur van de ondertoezichtstelling.

Uitkomst: De minderjarige wordt voor één jaar onder toezicht gesteld en geplaatst in het Orthopedagogisch Centrum.

Uitspraak

Beschikking van 3 juli 2018
behorend bij EJ nr. AUA201800845
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
BESCHIKKING
op het verzoek van
DE VOOGDIJRAAD,
kantoorhoudend in Aruba,
VERZOEKER,
vertegenwoordigd.
met betrekking tot de minderjarige:
[de minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2001 in Aruba,
Belanghebbenden:
[de moeder], de moeder,
[de vader], de vader,
[de voorgestelde gezinsvoogdes], de voorgestelde gezins.

1.DE PROCEDURE

De procedure blijkt uit:
  • het verzoekschrift, ingediend op 28 maart 2018,
  • het minderjarigenverhoor van 11 juni 2018,
  • de griffiersaantekeningen van de mondelinge behandeling van 12 juni 2018, waaruit blijkt dat zijn verschenen de vader in persoon, mevrouw [medewerker], [medewerker] en [medewerker] namens de Voogdijraad en mevrouw [de voorgestelde gezinsvoogdes] namens de Fundacion Guia Mi. De moeder is, ondanks daartoe behoorlijk te zijn opgeroepen, niet verschenen.
De

2.DE FEITEN

2.1
Uit de relatie tussen de vader en de moeder is [de minderjarige] op [geboortedatum] 2001 in Aruba geboren. De vader heeft de minderjarige erkend. De ouders oefenen het gezag gezamenlijk uit.

3.HET VERZOEK

Het verzoek strekt tot ondertoezichtstelling van de minderjarige voor de periode van één jaar. Tevens wordt de plaatsing van de minderjarige in het Orthopedagogisch Centrum verzocht.

4.DE BEOORDELING

4.1
Ingevolge artikel 1:254, eerste lid, van het Burgerlijk Wetboek van Aruba (BW) kan de rechter een kind onder toezicht stellen indien het zodanig opgroeit, dat het met de zedelijke of lichamelijke ondergang wordt bedreigd.
4.2
Het gerecht is, gelet op hetgeen uit het dossier en ter terechtzitting naar voren is gekomen, van oordeel dat genoemde gronden voor ondertoezichtstelling aanwezig zijn en overweegt daartoe als volgt.
Uit het verzoekschrift van de Voogdijraad volgt dat de minderjarige gedragsproblemen vertoont. Hij was vorig jaar opgenomen in de PAAZ, maar weigert nu zijn medicatie in te nemen. De minderjarige heeft de ouders en de leiding van het OC aangevallen en heeft dit jaar een zelfmoordpoging gedaan. De ouders voelen zich bang en onmachtig tegenover de situatie. Naar het oordeel van het gerecht is een ondertoezichtstelling, binnen welk kader de benodigde hulpverlening kan worden opgestart daarom aangewezen.
4.3
Ingevolge artikel 1:263, eerste lid, BW kan de rechter het kind doen opnemen in een door hem aan te wijzen inrichting of elders dan in een inrichting indien dit in het belang van de verzorging en opvoeding noodzakelijk is. Het gerecht is van oordeel dat het in het belang van de verzorging en opvoeding van de minderjarige noodzakelijk is dat hij wordt opgenomen in het Orthopedagogisch Centrum.

5.DE BESLISSING

Het gerecht:
5.1
stelt [de minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2001 in Aruba, onder toezicht voor de duur van één jaar ingaande heden,
5.2
benoemt [de voorgestelde gezinsvoogdes] tot gezinsvoogdes,
5.3
beveelt de plaatsing van [de minderjarige] in het Orthopedagogisch Centrum, voor de duur van één jaar ingaande heden,
5.4
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven op 3 juli 2018 door mr. Y.M. Vanwersch, rechter in dit gerecht, in aanwezigheid van de griffier.