ECLI:NL:OGEAA:2018:35

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
16 januari 2018
Publicatiedatum
9 februari 2018
Zaaknummer
EJ nr. 1730 van 2017/AUA201702118
Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:378 lid 1 sub a BWAArt. 1:386 lid 1 BWArt. 1:338 BWArt. 1:359 lid 1 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ondercuratelestelling van meerderjarige wegens geestelijke stoornis

Op 16 januari 2018 heeft het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba uitspraak gedaan in een zaak betreffende ondercuratelestelling. Verzoekster heeft verzocht om haar schoonzus onder curatele te stellen wegens een geestelijke stoornis die haar belemmert haar belangen behoorlijk waar te nemen.

De rechtbank heeft het verzoek gegrond verklaard op grond van artikel 1:378 lid 1 sub a van Pro het Burgerlijk Wetboek van Aruba. Verklaringen van de behandelend arts en psychiater bevestigden de geestelijke stoornis van de verweerster. Tevens heeft de verweerster geen bezwaar gemaakt tegen de benoeming van verzoekster tot curatrice, wat het gerecht passend achtte.

De curatrice is verplicht binnen acht weken na aanvang van haar taak een schriftelijke opgave van de aanwezige gelden en effecten te doen, en binnen acht maanden een boedelbeschrijving in te dienen. Jaarlijks dient zij een rekening van haar bewind over te leggen. Verzoekster is toegelaten om kosteloos te procederen wegens haar financiële situatie. De beschikking wordt gepubliceerd in de Landscourant en lokale dagbladen.

Uitkomst: Verzoek tot ondercuratelestelling wordt toegewezen en verzoekster benoemd tot curatrice.

Uitspraak

Beschikking van 16 januari 2018
behorend bij EJ nr. 1730 van 2017/AUA201702118.
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
BESCHIKKING
op het verzoek van:
[naam verzoekster],
wonende in Aruba,
VERZOEKSTER,
gemachtigde: de advocaat mr. P.M.E. Mohamed,
om ondercuratelestelling van haar schoonzus:
[naam verweerster],
wonende in Aruba, te [adres],
VERWEERSTER, hierna te noemen [naam verweerster],
in persoon.
Belanghebbende:
[naam broer], de broer.

1.DE PROCEDURE

De procedure blijkt uit:
  • het verzoekschrift, ingediend op 17 augustus 2017,
  • de griffiersaantekeningen van de behandeling van 12 december 201, waaruit blijkt dat zijn verschenen verzoekster in persoon bijgestaan door haar gemachtigde. De belanghebbende is - ondanks behoorlijke oproeping - niet verschenen,
  • de griffiersaantekeningen van de behandeling van 15 december 2017, waaruit blijkt dat is verschenen verzoekster in persoon. [naam verweerster] was ook ter plaatse.
De uitspraak is bepaald op heden.

2.HET VERZOEK

Het verzoek strekt ertoe dat [naam verweerster] onder curatele wordt gesteld met benoeming van verzoekster tot haar curatrice. Daartoe wordt aangevoerd dat [naam verweerster] aan een geestelijke stoornis lijdt waardoor zij niet in staat is om haar belangen behoorlijk waar te nemen.

3.DE BEOORDELING

3.1
Het verzoek is gegrond op artikel 1:378, lid 1 en onder sub a van het Burgerlijk Wetboek van Aruba (BWA). Ingevolge deze bepaling kan de rechter een meerderjarige onder curatele stellen wegens een geestelijke stoornis waardoor de gestoorde, al dan niet met tussenpozen, niet in staat is of bemoeilijkt wordt zijn belangen behoorlijk waar te nemen. Uit de verklaringen van de verzoekster, de behandeld geneesheer dr. J. Jones en de psychiater dr. D.P.J. Gerling en de ondervraging van [naam verweerster] is gebleken dat zij wegens een geestelijke stoornis niet in staat is of bemoeilijkt wordt haar belangen behoorlijk waar te nemen. Het verzoek tot ondercuratelestelling is dan ook voor toewijzing vatbaar.
3.2
[naam verweerster] heeft met zoveel woorden te kennen gegeven geen bezwaar te hebben tegen benoeming van verzoekster tot haar curatrice. Deze benoeming strookt ook naar het oordeel van het gerecht het meest met de belangen van [naam verweerster]. Nu voor het overige niet van bezwaren daartegen is gebleken, zal het gerecht dienovereenkomstig beslissen.
3.3
De curatrice dient ingevolge artikel 1:386 lid 1 van Pro het Burgerlijk Wetboek (BW) juncto artikel 1:338 BW Pro
binnen acht wekenna aanvang van haar taak als curatrice een schriftelijke opgave ter griffie van dit gerecht te doen van de bij het begin van de curatele aanwezige gerede gelden, effecten aan toonder en spaarbankboekjes.
De curatrice dient voorts
binnen acht maandenna aanvang van haar taak als curatrice ter bevestiging van haar deugdelijkheid een door haar ondertekende boedelbeschrijving bij de griffie van dit gerecht in te dienen. In de boedelbeschrijving is begrepen opgave van de wijzigingen in de samenstelling van het vermogen tot het ogenblik dat zij wordt opgemaakt.
3.4
De curatrice dient ingevolge artikel 1:386 lid 1 BW Pro in samenhang met artikel 1:359 lid 1 BW Pro
jaarlijkseen rekening van haar bewind over de goederen van de onder curatele gestelde ter griffie van dit gerecht in te dienen, voor het eerst uiterlijk op
1 juni 2019.
3.5
Gelet op het door verzoekster overgelegde bewijs van onvermogen van 4 augustus 2017, zal aan haar toelating worden verleend om kosteloos te procederen.

4.DE BESLISSING

Het gerecht:
verleent verzoekster toelating om kosteloos te procederen,
stelt [naam verweerster], geboren op [geboortedatum] in Aruba, onder curatele,
benoemt over de onder curatele gestelde tot curatrice [verzoekster], geboren op [geboortedatum] in Aruba en wonende in Aruba,
bepaalt dat deze uitspraak vanwege de curatrice binnen tien (10) dagen nadat deze ten uitvoer kan worden gelegd, wordt geplaatst in de Landscourant van Aruba, alsmede in de dagbladen “DIARIO” en “AMIGOE DI ARUBA”.
Deze beschikking is gegeven door mr. E.M.D. Angela, rechter in dit gerecht, ter terechtzitting van dinsdag 16 januari 2018 in tegenwoordigheid van de griffier.