ECLI:NL:OGEAA:2018:307

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
16 mei 2018
Publicatiedatum
30 mei 2018
Zaaknummer
K.G. AUA201800973
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • A.H.M. van de Leur
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontruiming en betaling achterstallige huur van gehuurd pand te Aruba

In deze kortgedingprocedure vordert eiseres de ontruiming van het gehuurde pand te Aruba en betaling van achterstallige huur. Gedaagde is ondanks oproeping niet verschenen, waardoor verstek is verleend.

Het Gerecht stelt vast dat het spoedeisend belang van eiseres bij ontruiming evident is en dat de vorderingen niet zijn bestreden noch onrechtmatig zijn. Daarom worden de vorderingen toegewezen met een ontruimingstermijn van 14 dagen, gelet op redelijkheid en billijkheid.

Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van Afl. 12.500,- aan achterstallige huur over november 2017 tot en met maart 2018, vermeerderd met Afl. 2.500,- per maand dat zij na 31 maart 2018 in het pand verblijft. Tevens wordt zij veroordeeld in de proceskosten van eiseres, begroot op Afl. 2.472,25. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot ontruiming binnen 14 dagen en betaling van achterstallige huur met proceskostenveroordeling.

Uitspraak

Vonnis in kort geding van 16 mei 2018
Behorend bij K.G. AUA201800973
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
VONNIS IN KORT GEDING
in de zaak van:
[eiseres],
te Aruba,
eiseres,
hierna ook te noemen: [eiseres],
gemachtigde: de advocaat mr. D.G. Illes,
tegen:
[gedaagde],
te Aruba,
gedaagde,
hierna ook te noemen: [gedaagde],
niet verschenen.

1.DE PROCEDURE

1.1
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift met producties, ingediend op 11 april 2018;
- de aantekeningen van de griffier ter gelegenheid van de mondelinge behandeling op 26 april 2018.
1.2
Cruz Medina is ter terechtzitting verschenen bij mr. E.M.J. Cafarzuza occuperende voor mr. D.G. Illes. Hoewel deugdelijk opgeroepen is [gedaagde] niet ter zitting verschenen. Tegen haar is daarom verstek verleend. [eiseres] heeft gepersisteerd in het door haar gestelde en verzochte.
1.3
Vonnis is bepaald op heden.

2.DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

2.1 [
[eiseres] vordert dat het Gerecht bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis [gedaagde] veroordeelt:
a. om binnen zeven dagen na de uitspraak van dit vonnis het gehuurde pand [adres] te ontruimen met alle personen en goederen zich daarin bevindende;
om aan [eiseres] te betalen Afl. 12.500,- aan achterstallige huur, en vermeerderd met elke maand dat gedaagde in gebreke blijkt;
in de kosten van deze procedure.
2.2 [
gedaagde] heeft geen verweer gevoerd.

3.DE BEOORDELING

3.1
Het spoedeisend belang van [eiseres] bij de haar verzochte ontruiming ligt besloten in de aard van dat verzoek.
3.2 [
gedaagde] heeft de vorderingen van [eiseres] en de daaraan ten gronde gelegde stellingen niet bestreden. Die vorderingen, die overigens onrechtmatig noch ongegrond voorkomen, zullen daarom worden toegewezen als na te melden. Op grond van de redelijkheid en billijkheid wordt de ontruimingstermijn bepaald op 14 dagen. Gesteld noch gebleken is dat het voor [gedaagde] onmogelijk is om het gehuurde binnen die termijn te ontruimen.
3.3 [
gedaagde] zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van deze procedure gevallen aan de zijde van [eiseres], tot aan deze uitspraak begroot op (750,- + 222,25 =) Afl. 972,25 aan verschotten (griffiegelden en kosten van oproeping [gedaagde]) en Afl. 1.500,- aan salaris voor de gemachtigde.

4.DE BESLISSING

Het Gerecht, rechtdoende in kort geding bij verstek:
- beveelt [gedaagde] om binnen veertien (14) dagen na de betekening aan haar van dit vonnis het in Aruba te [adres] gelegen perceel en het daarop gebouwde (hierna: het gehuurde) te ontruimen en te verlaten met alle zich aldaar van harententwege bevindende personen en goederen, en het gehuurde onder afgifte van de sleutels daarvan ter vrije beschikking te stellen van [eiseres];
- veroordeelt [gedaagde] om bij wijze van voorschot aan [eiseres] te betalen Afl. 12.500,- aan achterstallige huur over november 2017 tot en met maart 2018, te vermeerderen met Afl. 2.500,- voor iedere maand dat [gedaagde] na 31 maart 2018 in het gehuurde verblijft;
- veroordeelt [gedaagde] in de kosten van deze procedure gevallen aan de zijde van [eiseres], tot aan deze uitspraak begroot op Afl. 972,25 aan griffierechten en oproepkosten en Afl. 1.500,-- aan salaris voor de gemachtigde;
- verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
- wijst af het meer of anders verzochte.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.H.M van de Leur rechter, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 16 mei 2018 in aanwezigheid van de griffier.