Uitspraak
,
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
SPP Caribbean Beton Industrie VBA heeft op 28 november 2017 een vergunning aangevraagd voor het oprichten van een betonfabriek volgens de Hinderverordening. Na het uitblijven van een beslissing maakte zij bezwaar en verzocht zij het gerecht om voorlopige voorzieningen om de stopzetting van werkzaamheden te schorsen.
De minister van Justitie legde op 20 maart 2018 bestuursdwang op en verbood de voortzetting van de werkzaamheden omdat er geen vergunning was verleend. Verzoekster voerde aan dat zij onevenredig nadeel lijdt door de stopzetting, mede vanwege investeringen en een vermeend gewoonterecht.
Het gerecht oordeelde dat de brief van 20 maart 2018 een rechtsgeldige beschikking is en dat de werkzaamheden zonder vergunning in strijd zijn met de Hinderverordening. Gezien de ernstige hinder voor omwonenden en het ontbreken van zicht op legalisatie, weegt het algemeen belang bij handhaving zwaarder dan het belang van verzoekster.
Daarom is onvoldoende aannemelijk dat de bestreden beschikking in bezwaar zal worden vernietigd, en zijn de verzoeken om voorlopige voorzieningen afgewezen.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening tegen bestuursdwang wordt afgewezen; werkzaamheden zonder vergunning moeten worden gestaakt.