ECLI:NL:OGEAA:2018:168

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
4 april 2018
Publicatiedatum
9 april 2018
Zaaknummer
A.R. 800 van 2017 / AUA201700716
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 131 Rv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bewijslevering en bewijsopdracht in geschil over huurovereenkomst bedrijfsruimte te Aruba

In deze civiele procedure tussen Jagy N.V. en twee gedaagden staat centraal of Jagy wist of redelijkerwijs kon weten dat Fred&Fred F7B Corporation N.V. de contractuele wederpartij zou worden bij de huurovereenkomst van een bedrijfsruimte te Jaburibari 26A te Aruba.

Gedaagden boden bewijs aan bestaande uit schriftelijke stukken, getuigenverklaringen, bonnen, rekeningen en transcripties van whatsapp-gesprekken die zouden aantonen dat Jagy op de hoogte was van deze wijziging en dat de huurovereenkomst zou worden aangepast.

Het gerecht oordeelde dat gedaagden eerst hun schriftelijke bewijsstukken mochten overleggen en een korte toelichting mochten geven, waarna Jagy de gelegenheid krijgt een contra-akte te nemen. Het gerecht wees erop dat uitgebreide conclusies met nieuwe feiten niet zijn toegestaan.

De zaak werd naar de rol verwezen voor de bewijsstukken van gedaagden en de contra-akte van Jagy. Iedere verdere beslissing werd aangehouden tot nader order.

Uitkomst: Gedaagden mogen schriftelijke bewijsstukken overleggen en Jagy mag een contra-akte nemen; verdere beslissing wordt aangehouden.

Uitspraak

Vonnis van 4 april 2018 (bij vervroeging)
Behorend bij A.R. 800 van 2017 / AUA201700716
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
VONNIS
in de zaak van:
de naamloze vennootschap
JAGY N.V.,
gevestigd te Aruba,
eiseres, hierna ook te noemen: Jagy,
gemachtigde: de advocaat mr. A.A.E. Rietveld,
tegen:
[gedaagde 1],
[gedaagde 2],
wonende te Aruba,
gedaagden, hierna ook te noemen: [gedaagden],
gemachtigde: de advocaat mr. A. de Bie.

1.HET VERDERE VERLOOP VAN DE PROCEDURE

- het tussenvonnis van 13 december 2018;
- de akte uitlating bewijsopdracht.
De zaak is naar de rol verwezen voor vonnis.

2.DE VERDERE BEOORDELING

2.1
Bij vonnis d.d. 13 december 2018 zijn [gedaagden] in de gelegenheid gesteld zich uit te laten of zij bewijs wensen bij te brengen van hun stelling dat Jagy wist of redelijkerwijs kon weten dat het de bedoeling was, dat Fred&Fred F7B Corporation N.V. de contractuele wederpartij van Jagy zou worden met betrekking tot de huurovereenkomst ten aanzien van de bedrijfsruimte gelegen te Jaburibari 26A te Aruba EN dat Garcia (namens Jagy) toegezegd heeft de huurovereenkomst aan te passen.
2.2
Bij akte uitlating bewijsopdracht hebben [gedaagden] dit bewijs aangeboden. Het bewijsaanbod bestaat uit;
  • een beschrijving van de omstandigheden die het aannemelijk maken dat Jagy op de hoogte was;
  • het met schriftelijke bewijzen aantonen dat het de bedoeling was dat de huurovereenkomst op naam van de NV zou komen;
  • het aantonen van de kwade trouw van Jagy;
  • het onder ede horen van gedaagden;
  • het overleggen van bonnen en andere rekeningen op naam van de NV, waaruit volgt dat de bedrijfsvoering op naam van de NV geschiedde;
  • transcripties van whatsapp gesprekken waaruit eenduidig blijkt dat Jagy begreep of redelijkerwijs kon weten dat de huurovereenkomst op naam van de NV zou komen alsmede dat de huurovereenkomst zou worden aangepast.
2.3
In artikel 131 Rv Pro is bepaald dat een partij bewijs kan leveren ’met alle middelen, tenzij de wet anders bepaalt’. [gedaagden] hebben gekozen voor een breed pallet aan bewijsmiddelen. Nu het aangeboden
getuigenbewijsuitsluitend gedaagden zelf betreft en partijgetuigenverklaringen in bewijstechnische zin slechts bewijskracht toekomen, indien dezen worden ondersteund door voldoende ander bewijs, komt het gerecht geraden voor dat [gedaagden] eerst hun schriftelijke bewijsstukken in het geding brengen. Gelet hierop, wordt de zaak naar de rol verwezen voor
akte overlegging schriftelijke bewijsstukkenaan de zijde van [gedaagden]. Het gerecht wijst [gedaagden] erop dat het niet toegestaan is een uitgebreide conclusie te nemen, waarin zij hun stellingen presenteren aan de hand van (nieuwe) feiten en omstandigheden. Deze mogelijkheid hebben [gedaagden] gehad bij conclusie na antwoord en conclusie van dupliek. Het is derhalve slechts toegestaan om de schriftelijke bewijsstukken over te leggen en hierop een korte toelichting te geven. Aansluitend krijgt Jagy de gelegenheid om een contra akte te nemen.
2.4
Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.

3.DE BESLISSING

De rechter
3.1
verwijst de zaak naar de rol voor akte als bedoeld in r.o. 2.3 van dit vonnis;
3.2
bepaalt dat Jagy aansluitend een contra-akte mag nemen;
3.3
iedere verdere beslissing wordt aangehouden.
Dit vonnis is gewezen door mr. Y.M. Vanwersch, rechter in dit gerecht, en werd (bij vervroeging) uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 4 april 2018 in aanwezigheid van de griffier.