Uitspraak
1.DE PROCEDURE
2.HET VERZOEK
3.DE BEOORDELING
4.DE BESLISSING
9 januari 2018 om 8.45 uur;
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba heeft op 5 december 2017 een tussenbeschikking gegeven in een zaak over ondercuratelestelling van een vrouw die lijdt aan de ziekte van Alzheimer en vasculaire dementie. De verzoeker, die niet tot de wettelijk toegestane groep behoort om curatele te verzoeken, had zich tot de rechter gewend om benoeming tot curator te verkrijgen.
De rechter stelde vast dat de vrouw niet in staat is haar belangen behoorlijk waar te nemen, wat een grond vormt voor ondercuratelestelling op basis van artikel 1:378 lid 1 sub a van Pro het Burgerlijk Wetboek van Aruba. Echter, omdat de verzoeker niet behoort tot de personen die volgens artikel 1:379 BWA Pro curatele kunnen verzoeken, zou hij niet-ontvankelijk moeten worden verklaard.
Het Gerecht koos voor een pragmatische oplossing door de behandeling van de zaak voort te zetten en de vrouw zelf in de gelegenheid te stellen het verzoek tot ondercuratelestelling in te dienen, waarbij zij verzoeker als curator kan benoemen. De zaak is aangehouden tot de zitting op 9 januari 2018, waarbij alle betrokkenen in persoon moeten verschijnen.
Uitkomst: De behandeling van het verzoek tot ondercuratelestelling wordt aangehouden om de betrokkene zelf het verzoek te laten indienen.