ECLI:NL:OGEAA:2017:922
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Voorlopige ondertoezichtstelling minderjarigen in Aruba
Op 23 oktober 2017 diende de Voogdijraad een verzoek in tot voorlopige ondertoezichtstelling van twee minderjarigen geboren in 2002 in Aruba. De moeder oefent het gezag uit, de vader heeft de kinderen erkend. De Voogdijraad was niet verschenen bij de eerste zitting, maar de moeder en Fundacion Guia Mi waren wel aanwezig.
Het gerecht toetste het verzoek aan artikel 1:257 van Pro het Burgerlijk Wetboek van Aruba, dat voorlopige ondertoezichtstelling mogelijk maakt bij dreiging van zedelijke of lichamelijke ondergang van het kind. De maatregel kan alleen bij acute noodsituaties worden genomen wanneer het onderzoek niet kan worden afgewacht.
Op basis van het verzoek, het rapport van de Voogdijraad en de zitting concludeerde het gerecht dat voorlopige ondertoezichtstelling dringend en noodzakelijk is. De minderjarigen worden voorlopig onder toezicht gesteld totdat over het definitieve verzoek is beslist. De benoeming van een gezinsvoogd van Fundacion Guia Mi wordt toegewezen.
De gevraagde plaatsing bij de grootvader aan vaderszijde wordt afgewezen omdat onduidelijk is of de kinderen daar verblijven en of de grootvader bereid is hen op te vangen. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad gegeven op 21 november 2017 door rechter E.M.D. Angela.
Uitkomst: De minderjarigen worden voorlopig onder toezicht gesteld met benoeming van een gezinsvoogd, plaatsing bij grootvader wordt afgewezen.