ECLI:NL:OGEAA:2017:628
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verdeling van huwelijksgoederengemeenschap na echtscheiding met betwisting over onroerend goed en pensioen
Partijen zijn voormalige echtelieden die in gemeenschap van goederen waren gehuwd en inmiddels gescheiden. Eiser verzoekt de verdeling van activa, waaronder het aandeel van gedaagde in de nalatenschap van haar vader met betrekking tot twee percelen en het tijdens het huwelijk opgebouwde pensioen. Tevens vordert eiser een gebruiksvergoeding voor de door gedaagde bewoonde woning en de helft van de huurwaarde van een appartement.
Gedaagde betwist dat het onroerend goed [perceelnummer 1] tot de gemeenschap behoort omdat dit eigendom is van het Land Aruba. Over het tweede perceel stelt zij dat dit deel uitmaakt van de nalatenschap van haar vader en dat haar moeder mede-eigenaar is. Ook noemt zij diverse schulden die in de verdeling betrokken moeten worden. De rechter gaat uit van de door gedaagde opgegeven leggerwaarde en stelt dat het belang van eiser te gering is om taxatie te rechtvaardigen.
De rechter oordeelt dat het huis op het eerste perceel, hoewel gebouwd op grond van het Land, wel waarde heeft en tot de nalatenschap behoort. Gedaagde krijgt de gelegenheid om de actuele waarde aan te tonen, anders zal taxatie plaatsvinden. Verzoeken om gebruiksvergoeding worden afgewezen omdat gedaagde alle kosten draagt. De rechter wijst de vordering tot vergoeding van onderhoudskosten af wegens onvoldoende onderbouwing.
De pensioenopgave en schulden dienen door gedaagde te worden overgelegd. De zaak wordt verwezen naar een rolzitting voor het nemen van akten en verdere beslissing wordt aangehouden.
Uitkomst: De zaak wordt aangehouden voor aanvullende bewijsstukken en taxatie, waarna verdere beslissing volgt.