Uitspraak
1.Onderzoek van de zaak
2.Tenlastelegging
3.Voorvragen
4.Bewijsbeslissingen
Vrijspraak
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Op 6 juli 2017 vond de terechtzitting plaats tegen verdachte die werd beschuldigd van seksueel misbruik van een minderjarig meisje in de periode van juli 2014 tot november 2015 te Aruba. De officier van justitie vorderde een gevangenisstraf van drie jaar.
Het ten laste gelegde betrof meervoudige seksuele handelingen met een slachtoffer onder de twaalf jaar, waaronder penetratie en ontuchtige handelingen. Verdachte ontkende de beschuldigingen en stelde dat hij nooit alleen met het meisje was geweest.
De rechter oordeelde dat de gedetailleerde verklaring van het slachtoffer niet voldoende werd ondersteund door ander bewijs. Er ontbrak direct aanvullend bewijs en getuigenverklaringen waren inconsistent. Gezien de omstandigheden en de relatie tussen betrokkenen bleef twijfel bestaan over de waarheidsgetrouwheid van de verklaringen. Daarom werd verdachte vrijgesproken op grond van het principe in dubio pro reo.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs voor het ten laste gelegde zedendelict.