ECLI:NL:OGEAA:2016:152

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
9 maart 2016
Publicatiedatum
17 maart 2016
Zaaknummer
A.R. 1394 van 2014
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verdeling huwelijkse goederen gemeenschap na echtscheiding met vaststelling waarde en gebruikersvergoeding

Partijen zijn gescheiden sinds 6 februari 2012 en zijn het niet eens geworden over de verdeling van hun huwelijkse goederen gemeenschap. De vrouw vordert onder meer vaststelling van de verdeling, betaling van een gebruikersvergoeding door de man en veroordeling in de proceskosten.

De man voert alleen verweer tegen de waarde van de woning aan een bepaald adres, maar zijn latere verweren tegen andere activa worden als te laat verworpen vanwege het beginsel van hoor en wederhoor. De rechtbank stelt de waarde van de woning vast op het gemiddelde van twee taxatierapporten: Afl. 142.500.

De verdeling wordt vastgesteld conform het voorstel van de vrouw, waarbij de woningen aan respectievelijk de man en vrouw worden toegewezen. De rechtbank oordeelt dat de man iets is overbedeeld en dat de verdeling met gesloten beurzen plaatsvindt. De gevorderde gebruikersvergoeding wordt afgewezen omdat deze gecompenseerd wordt door de huurinkomsten die de vrouw ontvangt van haar woning.

De proceskosten worden gecompenseerd, en elke partij draagt haar eigen kosten. Het vonnis treedt in de plaats van eventuele noodzakelijke akten.

Uitkomst: De verdeling van de huwelijkse goederen wordt vastgesteld conform het voorstel van de vrouw, met afwijzing van de gebruikersvergoeding en compensatie van proceskosten.

Uitspraak

Vonnis van 9 maart 2016
Behorend bij A.R. 1394 van 2014
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
VONNIS
in de zaak van:
[naam],
wonende te Aruba,
EISERES, hierna ook te noemen: de vrouw,
gemachtigde: de advocaat mr. M.H.J. Kock,
tegen:
[naam],
wonende te Aruba,
GEDAAGDE, hierna ook te noemen: de man,
gemachtigde: de advocaat mr. P.M.E. Mohamed.

1.DE PROCEDURE

Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift;
- de conclusie van antwoord;
- het tussenvonnis van 10 december 2014;
- de aantekeningen van de comparitie na antwoord van 18 februari 2015;
- de aktes uitlating na comparitie van beide partijen;
- de conclusie van repliek tevens vermeerdering van eis;
- de conclusie van dupliek.
De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis.

2.DE VASTSTAANDE FEITEN

2.1
Tussen partijen is de echtscheiding uitgesproken op 6 februari 2012. De beschikking is op 25 juni 2012 ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand.
2.2
Partijen hebben geen overeenstemming bereikt over de verdeling van de huwelijkse goederen gemeenschap.

3.DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

3.1
De vrouw vordert bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad en na vermeerdering van eis:
- de verdeling vast te stellen zoals vermeld in sustenu 11 van het inleidende verzoekschrift;
- te bepalen dat de man een gebruikersvergoeding betaalt vanaf juni 2012 tot de dag van de verdeling;
- te bepalen dat in geval de man zijn medewerking weigert, dit vonnis in de plaats treed van eventuele noodzakelijke aktes;
- te bepalen dat de opgemaakte akten rechtsgeldig in de openbare registers kunnen worden ingeschreven;
- de man te veroordelen in de kosten van dit geding, dan wel dat deze ten koste van de te verdelen gemeenschap komen.
3.2
De man voert verweer dat zo nodig bij de beoordeling aan de orde komt.

4.DE BEOORDELING

4.1
Voorop wordt gesteld dat de man bij conclusie van antwoord slechts verweer voert tegen de door vrouw gestelde waarde van de woning gelegen aan [adres x]. Tegen alle overige door de vrouw vermelde en te verdelen activa en passiva heeft de man bij conclusie van antwoord geen verweer gevoerd. Eerst bij conclusie van dupliek betwist de man de waarde van een auto en die van de inboedel van [adres y]. Dit verweer wordt evenwel als zijnde tardief verworpen. De man had al zijn verweren direct bij conclusie van antwoord kenbaar moeten maken, zodat de vrouw hierop bij conclusie van repliek kon reageren. Het voor het eerst bij conclusie van dupliek opvoeren van nieuwe verweren is strijdig met het beginsel van hoor en wederhoor omdat de vrouw na conclusie van dupliek geen mogelijkheid meer heeft om te reageren. Dit heeft tot gevolg dat met de nieuwe verweren zoals vermeld in de conclusie van dupliek geen rekening wordt gehouden. Aldus wordt uitgegaan van de samenstelling en de waarde van de huwelijkse goederen gemeenschap, zoals de vrouw in het inleidend verzoekschrift heeft vermeld.
4.2
De man heeft wel tijdig verweer gevoerd tegen de door de vrouw vermelde waarde van de woning aan [adres x]. Uit het door de vrouw overgelegde taxatierapport volgt dat deze woning op 12 februari 2014 een vrije marktwaarde heeft van Afl. 190.000,00. Uit het taxatierapport, zoals overgelegd door de man, volgt dat de woning aan dit adres een vrij marktwaarde heeft van Afl. 95.000,00. Teneinde kosten en tijd te besparen komt het het gerecht geraden voor om de waarde vast te stellen op het gemiddelde van beide taxatierapporten, derhalve op Afl. 142.500.
4.3
Partijen zijn het erover eens dat de woning [adres x] aan de man en de woning [adres y] aan de vrouw toebedeeld dient te worden. Uitgaande van het door de vrouw gemaakte voorstel wordt de huwelijkse goederengemeenschap als volgt verdeeld:
Man waarde
Activa
Woning [adres x] Afl. 142.500,00
Inboedel [adres y] Afl. 20.000,00
Bus
Afl. 5.500,00
Activa totaalAfl. 168.000,00
Passiva
Island Finance Afl. 9.661,64
CMB Afl. 9.154,00
BdC
Afl. 1.887,00
Totale waarde
Afl. 147.29,36
Vrouw
Activa
Woning [adres y] Afl. 238.000,00
Auto
Afl. 15.000,00
Activa totaalAfl. 253.000,00
Passiva
FCCA Afl. 95.476,14
CAPA Afl. 7.476,14
Belasting
Afl. 300,55
Totale waarde
Afl. 149.248,31
4.4
Uit het voorgaande volgt dat de man iets is overbedeeld. Rekening houdend met het feit dat de inboedel thans (op het moment van de verdeling) lager zal zijn dan in juni 2013, wordt de verdeling vast gesteld met gesloten beurzen.
4.5
De vrouw verzoekt voorts een redelijke gebruikersvergoeding vast te stellen.
De vrouw heeft de gebruikersvergoeding gebaseerd op de hypothecaire schuld betreffende beide woningen per eind juni 2012. Desalniettemin brengt de vrouw de volledige hypothecaire schuld in mindering op de waarde van [adres x]. Deze berekeningswijze is dan ook onjuist. Wat hier verder ook van zij, tegenover het gebruikersgenot van de man met betrekking tot de woning aan [adres x] staan de huuropbrengsten van [adres y]. Het gerecht begrijpt dat de vrouw de huurpenningen aldoor heeft geïncasseerd en daarmee aan de hypothecaire verplichting heeft voldaan. Zonder nadere toelichting en/of feitelijke onderbouwing ten aanzien van de huuropbrengsten die evenwel ontbreekt, komt het gerecht geraden voor om de eventuele gebruikersvergoeding weg te strepen tegen de huuropbrengsten.
4.6
Gelet op de uitkomst van deze zaak worden de proceskosten gecompenseerd.

5.DE UITSPRAAK

De rechter in dit gerecht:
5.1
stelt de verdeling vast zoals overwogen in r.o. 4.3 van dit vonnis;
5.2
bepaalt dat dit vonnis in de plaats treedt van eventueel noodzakelijke akten;
5.3
wijst het meer of anders gevorderde af;
5.4
bepaalt dat elke partij de eigen kosten draagt.
Dit vonnis is gewezen door mr. Y.M. Vanwersch, rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 9 maart 2016 in aanwezigheid van de griffier.