ECLI:NL:OGEAA:2015:38

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
20 mei 2015
Publicatiedatum
28 mei 2015
Zaaknummer
A.R. 3433 van 2012
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • W.J. Noordhuizen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:231 BW
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vordering op grond van uitsluitingsclausule ziektekostenverzekering

Eiseres heeft een vordering ingesteld tegen Elvira Verzekeringen met betrekking tot een ziektekostenverzekering. De procedure omvatte diverse schriftelijke stukken, waaronder een tussenvonnis en akten van partijen. Eiseres heeft echter nagelaten om een volledige vertaling te overleggen van de in het Spaans opgestelde medische stukken, waardoor het gerecht niet overtuigd is van haar stellingen.

Het gerecht oordeelt dat de ziekenhuisopname van eiseres mede verband hield met trombose en pijn in haar been, wat valt onder de uitsluitingsclausule van de verzekeringsvoorwaarden. Deze clausule geldt als een kernbeding volgens artikel 6:231 BW Pro en is niet vernietigbaar op grond van de redelijkheid en billijkheid.

Het beroep op de uitsluitingsclausule leidt tot afwijzing van de vordering van eiseres. Hoewel eiseres een bewijs van onvermogen heeft overgelegd, waardoor zij kosteloos mag procederen, wordt zij veroordeeld in de proceskosten van Elvira Verzekeringen, begroot op Afl. 2.700.

Uitkomst: De vordering van eiseres wordt afgewezen wegens toepassing van een uitsluitingsclausule; zij krijgt kosteloos procederen maar moet de proceskosten vergoeden.

Uitspraak

Vonnis van 20 mei 2015
Behorend bij A.R. 3433 van 2012
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
VONNIS
in de zaak van:
[eiseres],
te Aruba,
hierna ook te noemen: [eiseres],
gemachtigde: de advocaat mr. E.M.J. Cafarzuza,
tegen:
de naamloze vennootschap
ELVIRA VERZEKERINGEN,
te Aruba,
hierna ook te noemen: Elvira,
gemachtigde: de advocaat mr. M.S. Cabenda,

1.DE PROCEDURE

Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het tussenvonnis van 1 oktober 2014;
- de akte van [eiseres]van 26 november 2014;
- de antwoordakte van Elvira van 8 april 2015.
De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis.

2.DE VERDERE BEOORDELING

2.1 [
[eiseres]heeft bij akte niet alsnog een (desnoods vrije) vertaling van de in de Spaanse taal opgestelde stukken overgelegd. Zij heeft alleen een zeer beperkt aantal passages uit Spaanstalige stukken vertaald in een van de in de Rijkswet Gemeenschappelijk Hof van Justitie toegelaten procestalen. Elvira heeft aangegeven zich niet in de vertaling te kunnen vinden en heeft daarenboven op haar beurt een aantal passages in het Nederlands vertaald waaruit zou kunnen blijken dat de ziekenhuisopname van [eiseres] ook verband hield met trombose en pijn in haar been.
2.2
Nu [eiseres] zich slechts beperkt heeft tot een vrije vertaling van voor haar welgevallige passages uit de medische rapportage is het gerecht van oordeel dat [eiseres] niet voldoende gemotiveerd bestreden heeft dat de ziekenhuisopname mede betrekking had op medische behandeling van haar been. Dat valt onder de uitsluitingsclausule van de verzekeringsvoorwaarden.
2.3
Een uitsluitingsclausule, ook als die is opgenomen in ‘algemene voorwaarden’ is een kernbeding in de zin van artikel 6:231 BW Pro zodat het, voor zover [eiseres] bedoelt daarop een beroep te doen, niet onder de vernietigingsregeling van boek 6, titel 5 afdeling 3 BW valt. Het beroep op de uitsluitingsclausule is ook niet naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar. Veronderstellenderwijze uitgaande van de juistheid van de stelling dat [eiseres] geen reisverzekering zou hebben gesloten als haar was verteld wat de uitsluitingsclausule inhield, brengt dat mee, dat de op het bestaan van een verzekeringsovereenkomst gebaseerde vordering ook moet worden afgewezen.
2.4
Als de in het ongelijk te stellen partij zal [eiseres] de proceskosten van Elvira moeten vergoeden.
2.5
Nu [eiseres] een op 30 oktober 2012 door de directeur van de Directie Sociale Zaken afgegeven bewijs van onvermogen heeft overgelegd, is daarmee naar het oordeel van de rechter genoegzaam gebleken dat zij de proceskosten niet kan betalen. Aan de [eiseres] zal daarom toelating worden verleend om kosteloos te procederen.

5.5. DE UITSPRAAK

De rechter in dit gerecht:
staat [eiseres] toe kosteloos te procederen;
wijs de vordering af;
veroordeelt [eiseres] in de kosten van de procedure, in de kosten van de procedure, die tot de datum van uitspraak aan de kant van Elvira worden begroot op Afl. 2.700, aan salaris van de gemachtigde.
Dit vonnis is gewezen door mr. W.J. Noordhuizen rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 20 mei 2015 in aanwezigheid van de griffier.