ECLI:NL:OGEAA:2015:326
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vordering tot betaling huurachterstand en geschil over borg en inventaris in huurovereenkomst bedrijfspand
De zaak betreft een geschil tussen verhuurder en huurders over een huurovereenkomst van een bedrijfspand die liep van 15 december 2010 tot 14 december 2012. Verhuurder vordert betaling van een huurachterstand inclusief boete, openstaande rekeningen voor utiliteiten, kosten van een restaurantvergunning en reparatie- en schoonmaakkosten. Huurders erkennen een deel van de schuld maar betwisten de boete en enkele kostenposten. Tevens vorderen zij betaling van de borg, inventaris en andere kosten.
De rechter oordeelt dat de huurovereenkomst niet is verlengd en corrigeert de huurachterstand met een halve maand huur. De boete wegens te laat betalen wordt afgewezen omdat deze afspraak niet schriftelijk is vastgelegd. De vordering voor utiliteiten wordt toegewezen voor het erkende bedrag. De kosten voor de restaurantvergunning worden toegewezen omdat deze volgens de overeenkomst voor rekening van huurders zijn. De reparatie- en schoonmaakkosten worden afgewezen omdat verhuurder onvoldoende bewijs levert dat huurders tekort zijn geschoten.
De vordering van huurders tot betaling van borg en inventaris wordt afgewezen omdat verhuurder de borg mag verrekenen met haar vordering en de mondelinge afspraken over inventaris niet zijn bewezen. Een deel van de door huurders betaalde kosten wordt toegewezen. De proceskosten worden gecompenseerd zodat iedere partij haar eigen kosten draagt. De veroordelingen worden uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Huurders worden veroordeeld tot betaling van een deel van de huurachterstand, kosten en rente, terwijl enkele vorderingen worden afgewezen en proceskosten worden gecompenseerd.