Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:OGEAA:2015:139

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
30 juni 2015
Publicatiedatum
3 juli 2015
Zaaknummer
EJ nr. 2922 van 2014
Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:377a BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Voorlopige omgangsregeling tussen vader en minderjarige in Aruba

De vader heeft bij het gerecht in eerste aanleg van Aruba een verzoek ingediend voor een omgangsregeling met zijn minderjarige kind, geboren in 2011 en erkend door hem. De moeder oefent het ouderlijk gezag uit en stond aanvankelijk niet achter het voorgestelde omgangsadvies van de Voogdijraad, terwijl de vader hiermee akkoord ging.

Tijdens de zitting op 30 juni 2015 zijn voorlopige afspraken gemaakt over de omgangsregeling, waarbij de vader het kind op maandagmiddagen om 14.00 uur ophaalt bij de crèche en om 18.00 uur terugbrengt bij de moeder. De omgang vindt voorlopig plaats bij de oma aan vaderszijde. Tevens is bepaald dat de zaak op 25 augustus 2015 zal worden geëvalueerd.

De beschikking houdt iedere verdere beslissing aan en bevestigt het recht op omgang zoals neergelegd in artikel 1:377a BW. De procedure omvatte een rapport van de Voogdijraad en meerdere zittingen waarbij partijen en hun gemachtigden aanwezig waren.

Uitkomst: Het gerecht stelt een voorlopige omgangsregeling vast waarbij de vader het kind op maandagmiddagen ziet en verwijst de zaak naar evaluatie.

Uitspraak

Beschikking van 30 juni 2015
Behorend bij EJ nr. 2922 van 2014
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
BESCHIKKING
op het verzoek van
A,
wonende in Aruba,
VERZOEKER, hierna: de vader,
gemachtigde: de advocaat mr. C.Helen Lejuez,
tegen
B,
wonende in Aruba,
VERWEERSTER, hierna: de moeder,
voorheen procederend in persoon, thans de advocaat mr. M.M. Malmberg.

1.DE PROCEDURE

De procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift, ingediend op 25 november 2014;
- de griffiersaantekeningen van de behandeling van 13 januari 2015, waaruit blijkt dat zijn verschenen de vader bijgestaan door zijn gemachtigde en de moeder in persoon. Namens de Voogdijraad is aanwezig mevrouw S.M. Maduro;
- het rapport van de Voogdijraad, ingediend op 12 mei 2015;
- de griffiersaantekeningen van de voortzetting van de behandeling van 9 juni 2015, waaruit blijkt dat zijn verschenen de partijen bijgestaan door hun gemachtigden.
De uitspraak is terstond gedaan.

2.DE FEITEN

Uit de moeder is op .....2011 in Aruba geboren C (hierna: de minderjarige). De minderjarige is op 24 oktober 2011 door de vader erkend. De moeder oefent van rechtswege het ouderlijk gezag uit over de minderjarige.

3.HET VERZOEK

De vader heeft verzocht om een omgangsregeling tussen hem en de minderjarige te bepalen zoals verwoord in het verzoekschrift en om te bepalen dat de moeder hem informeert over belangrijke aangelegenheden aangaande de minderjarige.
4.DE BEOORDELING
Omgang
4.1
Ingevolge artikel 1:377a BW hebben het kind en de niet met het gezag belaste ouder recht op omgang met elkaar. De Voogdijraad heeft in haar rapport een advies uitgebracht. Ter zitting heeft de vader aangegeven akkoord te gaan met het advies van de Voogdijraad en heeft de moeder aangegeven dat zij niet staat achter de omgangsregeling zoals deze door de Voogdijraad wordt voorgesteld. Zij wenst een opbouwende omgangsregeling. Ter zitting zijn er voorlopige afspraken gemaakt omtrent de omgangsregeling tussen de vader en de minderjarige. Tevens is er bepaald dat de zaak zal worden verwezen naar nader te noemen datum voor evaluatie van de omgangsregeling.
4.2
Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.

4.DE BESLISSING

Het gerecht:
bepaalt de
voorlopigeomgangsregeling tussen de vader A en de minderjarige C, geboren op .....2011 in Aruba als volgt:
- op maandag 15 juni 2015, waarbij de vader de minderjarige om 14.00 uur ophaalt bij de crèche en om 18.00 uur terugbrengt bij de moeder;
- op maandag 29 juni 2015, waarbij de vader de minderjarige om 14.00 uur ophaalt bij de crèche en om 18.00 uur terugbrengt bij de moeder;
- elke maandag daarop, waarbij de vader de minderjarige om 14.00 uur ophaalt bij de crèche en om 18.00 uur terugbrengt bij de moeder,
waarbij de omgangsregeling voorlopig zal plaatsvinden bij de oma vaderszijde,
verwijst de zaak naar de zitting van
25 augustus 2015 om 14.00 uurvoor evaluatie van de omgangsregeling,
houdt iedere verdere beslissing aan.
Deze beschikking is gegeven door mr. H. Mol, rechter in dit gerecht, ter zitting van dinsdag 30 juni 2015 in tegenwoordigheid van de griffier.