ECLI:NL:OGAACMB:2022:30
Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.E.B. de Haseth
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot betaling salaris tijdens weigering dienstopdracht ambtenaar
Een ambtenaar, sinds 2003 non-actief geplaatst, kreeg meerdere dienstopdrachten opgelegd om tijdelijke werkzaamheden te verrichten ten behoeve van een vaccinatiecampagne. Hij weigerde deze opdrachten uit te voeren en gaf aan alleen mee te willen werken aan een re-integratie in een passende functie. Verweerders hielden daarop het salaris van de ambtenaar in vanaf 20 januari 2022, conform artikel 17 lid 2 van Pro de Landsverordening materieel ambtenarenrecht.
De ambtenaar maakte bezwaar tegen de salarisinhouding en verzocht het gerecht om een voorlopige voorziening om zijn salaris alsnog te betalen. Het gerecht overwoog dat de ambtenaar geen rechtsmiddelen had aangewend tegen eerdere dienstopdrachten en dat hij opzettelijk zijn dienst had nagelaten te verrichten. De ambtenaar voerde aan dat hij zich in het buitenland bevond en dat de werkzaamheden niet passend waren, verwijzend naar een eerdere uitspraak waarin passende werkzaamheden werden geëist.
Het gerecht oordeelde dat de dienstopdrachten rechtmatig waren, mede gelet op de tijdelijke aard en het belang van re-integratie na langdurige inactiviteit. De ambtenaar had geen rechtvaardiging voor zijn weigering gegeven, ook niet nadat hij was teruggekeerd. Het verzoek tot betaling van het salaris werd daarom afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en tegen deze uitspraak stond geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek tot betaling van het salaris tijdens de weigering van de dienstopdracht is afgewezen.