ECLI:NL:OGAACMB:2022:2

Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba

Datum uitspraak
12 januari 2022
Publicatiedatum
4 februari 2022
Zaaknummer
AUA202103093
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • N.K. Engelbrecht
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 35 LaArt. 41 LaArt. 84 LaArt. 94 La
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek tot voorziening bij voorraad wegens ontbreken connexiteit in ambtenarenzaak

Verzoekers, ambtenaren te Aruba, werden op 20 september 2021 van rechtswege ter beschikking gesteld bij het aantreden van het Kabinet Wever-Croes II. Tegen deze beëindiging dienden zij op 21 oktober 2021 een verzoekschrift in bij het gerecht in ambtenarenzaken om een voorziening bij voorraad te treffen op grond van artikel 94 van Pro de Landsverordening ambtenarenrechtspraak (La).

Het gerecht overwoog dat een bezwaarschrift tegen de bestreden beslissingen tot uiterlijk 12 november 2021 ingediend had moeten worden. Verzoekers hebben echter geen bezwaarschrift ingediend, waardoor niet is voldaan aan het vereiste van connexiteit tussen het verzoek tot voorziening bij voorraad en het hoofdbezwaar.

Hoewel artikel 84, vierde lid, La de mogelijkheid biedt om een bezwaarschrift na de uitspraak op het verzoek om voorziening in te dienen, was de termijn voor het indienen van bezwaar reeds verstreken. Artikel 94, vierde lid, La verlengt deze termijn niet. Daarom zal een eventueel nog in te dienen bezwaar naar voorlopig oordeel niet-ontvankelijk worden verklaard.

Gelet op het ontbreken van connexiteit en het verstreken van de bezwaarperiode bestaat geen grond voor het treffen van een voorziening bij voorraad. Het verzoek wordt daarom afgewezen. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Uitkomst: Het verzoek tot het treffen van een voorziening bij voorraad wordt afgewezen wegens het ontbreken van connexiteit en het niet tijdig indienen van een bezwaarschrift.

Uitspraak

Uitspraak van 12 januari 2022
Gaza nr. AUA202103093

HET GERECHT IN AMBTENARENZAKEN VAN ARUBA

UITSPRAAK
op het verzoek tot het treffen van een beslissing bij voorraad als bedoeld in
artikel 94 van Pro de Landsverordening ambtenarenrechtspraak (La) van:
1.
[Verzoeker sub 1],
2.
[Verzoeker sub 2],
beiden wonende te Aruba,
VERZOEKERS,
procederend in persoon,
gericht tegen:
De minister van Algemene Zaken, Integriteit, Overheidszorg, Innovatie en Energie,
zetelend in Aruba,
VERWEERDER,
gemachtigde: mr. Y.F.M. Kaarsbaan (DWJZ).

PROCESVERLOOP

Bij onderscheiden brieven van 13 oktober 2021 (hierna: de bestreden beslissingen) heeft verweerder verzoekers bericht dat hun terbeschikkingstelling aan de minister van Onderwijs, Wetenschap en Duurzame Ontwikkeling op 20 september 2021 van rechtswege is beëindigd bij het aantreden van het Kabinet Wever-Croes II.
Op 21 oktober 2021 hebben verzoekers bij dit gerecht een verzoekschrift ex artikel 94 van Pro de La ingediend.
Op 3 december 2021 heeft verweerder de op de zaak betrekking hebbende stukken ingediend.
Het verzoekschrift is op 6 december 2021 behandeld in raadkamer, alwaar zijn verschenen verzoekers in persoon, en verweerder bij zijn gemachtigde voornoemd.

OVERWEGINGEN

1.1
Ingevolge artikel 35, eerste lid van de La kan een bezwaarschrift worden ingediend ter zake dat beschikkingen, handelingen of weigeringen (om te beschikken of te handelen), ten aanzien van een ambtenaar als zodanig, zijn nagelaten betrekkingen of rechtverkrijgenden door een administratief orgaan genomen, verricht of uitgesproken, feitelijk of rechtens met de toepasselijke algemeen verbindende voorschriften strijden, of dat bij het nemen, verrichten of uitspreken daarvan het administratief orgaan van zijn bevoegdheid kennelijk een ander gebruik heeft gemaakt dan tot de doeleinden waarvoor die bevoegdheid is gegeven.
1.2
Ingevolge artikel 41, eerste lid, van de La wordt het bezwaarschrift ingediend binnen dertig dagen na de dag waarop de aangevallen beschikking of de aangevallen handeling of weigering genomen, verricht of uitgesproken is.
1.3
Ingevolge artikel 94, eerste lid van de La kan een ambtenaar bij een met redenen omkleed verzoekschrift aan het gerecht in ambtenarenzaken een beslissing bij voorraad vragen in alle gevallen waarin een bezwaarschrift op grond van deze landsverordening kan worden ingediend, doch waarin ter voorkoming van onevenredig nadeel voor de ambtenaar, een onverwijlde voorziening wenselijk is.
Ingevolge het vierde lid, voor zover thans van belang, vervalt de uitspraak op een zodanig verzoekschrift indien niet binnen acht dagen nadien een bezwaarschrift, betreffende de hoofdzaak, bij het gerecht is ingediend.
2.1
Het gerecht overweegt dat tegen de bestreden beslissingen tot en met 12 november 2021 een bezwaarschrift kon worden ingediend. Gebleken is dat verzoekers geen bezwaarschrift bij dit gerecht hebben ingediend. Aldus is niet voldaan aan het vereiste van connexiteit. Weliswaar biedt artikel 84, vierde lid, van de La een verzoeker de mogelijkheid om eerst nadat uitspraak op een verzoek om het treffen van een voorziening bij voorraad is gedaan een bezwaarschrift betreffende de hoofdzaak in te dienen, maar in dit geval is de termijn, waarbinnen bezwaar kon worden gemaakt reeds verstreken. Anders dan verzoekers mogelijk menen, verlengt artikel 94, vierde lid, van de La deze termijn niet. Een nog in te dienen bezwaar zal naar voorlopig oordeel dan ook nietontvankelijk worden verklaard.
2.2
Gelet hierop bestaat geen grond voor het treffen van een voorziening.

BESLISSING

De rechter in dit gerecht:
- wijst het verzoek af.
Deze beslissing is gegeven door mr. N.K. Engelbrecht, rechter in ambtenarenzaken, en uitgesproken in raadkamer op 12 januari 2022, in tegenwoordigheid van de griffier.
Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.