Uitspraak
GERECHT IN AMBTENARENZAKEN VAN CURAÇAO
[klaagster],
de Regering van Curaçao,
Procesverloop
Overweging
Beslissing
verklaarthet bezwaar
gegrond.
Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Klaagster, sinds lange tijd werkzaam bij de overheid, werd eervol ontheven uit haar functie en benoemd in een hogere functie met een lagere bezoldigingsschaal dan gebruikelijk, op grond van de vertragingsregel van artikel 3, tweede lid, van het Bezoldigingslandsbesluit 1998 (Bzlb).
Klaagster maakte bezwaar tegen dit besluit omdat verweerster niet had toegelicht waarom de vertragingsregel werd toegepast. Het Gerecht oordeelde dat verweerster weliswaar bevoegd was de vertragingsregel toe te passen, maar dat het besluit onvoldoende was gemotiveerd doordat de noodzakelijke toelichting ontbrak.
Door het ontbreken van deze motivering werd het besluit nietig verklaard en het bezwaar gegrond verklaard. Verweerster erkende ter zitting het motiveringsgebrek en gaf aan een nieuw landsbesluit te zullen nemen.
Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Raad van Beroep in Ambtenarenzaken.
Uitkomst: Het bezwaar van klaagster wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit wordt nietig verklaard wegens onvoldoende motivering van de toepassing van de vertragingsregel.