ECLI:NL:OGAACMB:2019:132
Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bezwaar tegen functiebenaming in bevorderingsbesluit niet-ontvankelijk wegens gebrek aan procesbelang
Klaagster, ambtenaar bij het Bureau Ondersteuning Verslavingszorg, werd bij landsbesluit bevorderd tot adjunct-commies met ingang van 1 april 2014. In het besluit werd haar functie onjuist vermeld als administratief medewerker, terwijl zij vanaf december 2014 leidinggevende werkzaamheden verrichtte. Klaagster diende bezwaar in tegen deze functiebenaming en stelde tevens dat zij in aanmerking kwam voor een verdere bevordering.
Het gerecht oordeelde dat klaagster ontvankelijk was in haar bezwaar, maar dat zij geen procesbelang had bij het aanvechten van de functiebenaming in het landsbesluit, omdat het bezwaar zich niet richtte tegen de bevordering zelf of de gevolgen daarvan. De functiebenaming belette haar niet om tegen een eventuele latere afwijzing van een verdere bevordering op te komen.
Daarnaast was er nog geen beslissing genomen op haar verzoek tot verdere bevordering. Het bezwaar werd daarom niet-ontvankelijk verklaard. De uitspraak werd gedaan door ambtenarenrechter D.J. Jansen op 9 december 2019.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de functiebenaming in het bevorderingsbesluit is niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang.